<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Archives des Michelle Cooreman - Hospitals.be</title>
	<atom:link href="https://hospitals.be/nl/tag/michelle-cooreman/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://hospitals.be/nl/tag/michelle-cooreman/</link>
	<description>Association Belge des Hôpitaux - Belgische Vereniging der Ziekenhuizen</description>
	<lastBuildDate>Wed, 17 Dec 2025 15:28:03 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-BE</language>
	<sy:updateperiod>
	hourly	</sy:updateperiod>
	<sy:updatefrequency>
	1	</sy:updatefrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=7.1</generator>

<image>
	<url>https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/11/cropped-Logo_Hospitals.BE_-e1763047583225-150x150.png</url>
	<title>Archives des Michelle Cooreman - Hospitals.be</title>
	<link>https://hospitals.be/nl/tag/michelle-cooreman/</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
	<item>
		<title>Essor de la prescription de télésurveillance</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/essor-de-la-prescription-de-telesurveillance/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 03 Dec 2025 08:41:38 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Innovation]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #20]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Technologie]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95388</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/essor-de-la-prescription-de-telesurveillance/">Essor de la prescription de télésurveillance</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p class="wp-block-paragraph">Het telemonitoringvoorschrift uit de doeken gedaan</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Hospitals.be</p>



<p class="wp-block-paragraph">Meer dan het op afstand meten van parameters</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Telemonitoring, of het op afstand opvolgen van patiëntparameters, is sinds de COVID19-crisis een opmars bezig. Verschillende bedrijven bieden telemonitoring voor een specifiek zorgproces aan (telemonitoringproviders). Met het 'telemonitoringvoorschrift' zouden de opgemeten data van alle providers op een gestandaardiseerde manier in het EPD van elke patiënt moeten geraken.</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Voor de uitrol hiervan krijgt een consortium van meer dan 40 ziekenhuizen onder leiding van het O.L.V. van Lourdes Ziekenhuis Waregem en Byteflies, zelf een telemonitoringprovider, een substantiële financiering van FOD Volksgezondheid. Hans De Clercq, co-CEO van Byteflies, en Joris Walraevens, verantwoordelijke strategische samenwerkingen, leggen uit hoe het begonnen is en wat de toekomst zal brengen.</p>



<h3 class="wp-block-heading">Byteflies, telemonitoringprovider</h3>



<p class="wp-block-paragraph">Byteflies is een telemonitoringprovider, dat is een bedrijf dat technologie voorziet waarmee artsen in het ziekenhuis parameters van patiënten thuis kunnen meten.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">"We zijn ingenieurs en richten ons op de technologie die nodig is om data in een thuisomgeving op een veilige manier op te meten en door te sturen naar het ziekenhuis. De eerste keer dat we naar de ziekenhuizen zijn gegaan met een oplossing was tijdens de COVID-19-epidemie.</p>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">In het begin van de pandemie waren we al actief als bedrijf, in klinische studies en onderzoek, en hadden we al contact met ziekenhuizen. Maar verdere ontplooiing leek ons eerder een toekomstverhaal. Door COVID-19 was er echter ineens de nood om patiënten op afstand beter te monitoren en zo ziekenhuisbedden beschikbaar te houden voor de ernstigste gevallen.</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Toen hebben we heel snel een oplossing gebouwd - Covidcare@Home. Dat was een 'doosje' met een paar toestellen om enkele malen per dag temperatuur, zuurstofsaturatie, hartslag, ademhaling te meten en die data via een softwareplatform door te sturen naar de arts in het ziekenhuis. Zo kon de longarts of de spoedarts in het ziekenhuis patiënten opvolgen die niet in een ziekenhuisbed lagen. Dat was het idee", gaat Hans De Clercq van start.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Nood aan integratie in het EPD</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In eerste instantie werd het systeem gratis aangeboden aan ziekenhuizen om te helpen in de COVID-19-crisis en quasi onmiddellijk zijn heel wat ziekenhuizen ermee aan de slag gegaan.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Een steeds terugkerende vraag van data protection officers (DPO's) of ICT-diensten van het ziekenhuis was of de data in het elektronische patiëntdossier (EPD) werden geïntegreerd.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Daar moesten ze bij Byteflies negatief op antwoorden. Integratie in het EPD vergt immers tijd en het probleem met COVID-19 was acuut: het werd dus een offline oplossing niet verbonden met het EPD. Daar konden de ziekenhuizen toen achter staan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Nadat de COVID-19-epidemie was gaan liggen, werden in andere domeinen ? cardiologie, neurologie, oncologie - gelijkaardige oplossingen gebouwd met hetzelfde doel omdat de nood van het opmeten van patiënten op afstand ook daar doordrong.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">"Onze technologie kan evengoed in andere zorgpaden gebruikt worden. Maar we moesten het wel duurzaam aanpakken, dus met integratie van de data in het EPD. Door echter te gaan praten met de verschillende EPD's, ziekenhuizen, en andere telemonitoringproviders, zagen we dat er vandaag eigenlijk heel weinig oplossingen geïntegreerd zijn in het zorglandschap, voornamelijk omdat die integratie supermoeilijk ligt", verklaart de co-CEO van Byteflies.</p>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Vraag overstijgt het aanbod</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Er zijn veel verschillende bedrijven die aan telemonitoring doen - en telemonitoring wordt hier heel breed opgevat als elke technologie die extramuraal data opmeet, data voorgeschreven door een zorgverlener in een ziekenhuis.</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Idealiter moeten al die opmetingen geïntegreerd worden in alle vormen van EPD's vandaag beschikbaar in het Belgische zorglandschap. De vraag naar integratie wordt wel gesteld, maar niet beantwoord door het grote aanbod en de beperkte ontwikkelingscapaciteit van EPDen telemonitoringproviders.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In de praktijk gaan alle providers eerst praten met de ICT-diensten van de ziekenhuizen waarin ze actief willen zijn. De lokale ICT-technici hebben vaak evenmin de mogelijkheid om voor integratie te zorgen zodat de zorgverlener er zelf mee belast wordt:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li class="translation-block">de verpleegkundige of de arts moet zelf de data van patiëntmetingen</li>



<li>via niet-geïntegreerde offline applicaties ingeven in externe tools,</li>



<li>om dan uiteindelijk rapporten te downloaden in pdf en andere formaten, en die manueel op te laden in het EPD.</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Zo gebeurt het vandaag.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Toekomstvisie</h2>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Transformatie naar virtual health care, virtuele gezondheidszorg, is zijn intrede bezig. Ziekenhuizen bouwen een 'virtual ward' waar de patiënt niet in het ziekenhuisbed ligt maar thuis verblijft en follow-up gegarandeerd wordt. Snel ingrijpen als de patiënt in een kritische toestand geraakt, moet tot de opties behoren.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">"Ziekenhuizen moeten daarin zelf investeren, dat is niet onze rol, wij moeten ervoor zorgen dat de data op een veilige manier tot in het ziekenhuis geraken zodat ze daar de toestand van de patiënt correct kunnen beoordelen", aldus Hans De Clercq, co-CEO van Byteflies.</p>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Zorgcontinuïteit garanderen</h2>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Veel ziekenhuizen zien het uitbreiden van zorgcontinuïteit buiten de ziekenhuisstructuren ook als een onderdeel van hun toekomstvisie.</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Joris Walraevens, business lead van Byteflies:</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">"Een aantal ziekenhuizen zet zich proactief in om zorgcontinuïteit te garanderen. Telemonitoring is daar één deel van, niet het enige, maar wel een belangrijk deel. En ze zijn zich daar nu al voor aan het organiseren.</p>
</blockquote>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">Het UZA in Antwerpen heeft bijv. de ambitie om dat tegen 2029 rond te krijgen. Het gaat niet altijd even snel, soms zouden we iets sneller willen maar het loopt wel. Bijv. rond hartfalen worden in Frankrijk nu al tussen 15.000 en 20.000 patiënten jaarlijks opgevolgd door telemonitoring omdat daarvoor structurele vergoeding is, aangetoond werd dat het kostenefficiënt is voor de maatschappij maar ook omdat patiënten er beter van worden.</p>
</blockquote>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">Het aantal use cases zal systematisch uitgebreid worden, bijv. diabetes, postchirurgie, triage in Spoed (zodat niet het standaard spoedtraject moet worden gevolgd maar de patiënt thuis verder van nabij kan worden opgevolgd) … Er zijn bijna oneindig veel mogelijkheden en die zullen stap voor stap hun weg vinden naar de praktijk, afhankelijk van de vergoedingen en van hoe de patiënten er al dan niet voor open gaan staan."</p>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Het telemonitoringvoorschrift</h2>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Omdat de problematiek zo sterk leefde, werd een paar jaar geleden een werkgroep telemonitoringintegratie opgericht. Die werkgroep bestond uit technische spelers - telemonitoringproviders zoals RemeCare, moveUP, Byteflies, FibriCheck - spelers die in het Belgische landschap actief zijn, samen met beMedtech en Agoria.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph translation-block">"Daar is een concept bedacht dat we het telemonitoringvoorschrift hebben genoemd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">'Telemonitoring' in het brede concept van al wat te maken heeft met het extramuraal opmeten van data, en 'voorschrift' omdat we dat conceptueel gelijkaardig zien aan een voorschrift (bijv. de arts vraagt het onderzoek van een staal bloed aan het labo (=voorschrift), na onderzoek stuurt het labo een rapport van de resultaten terug naar de arts).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Telemonitoring is in onze ogen hetzelfde: een arts heeft op een bepaald moment nood om een patiënt extramuraal op te meten, schrijft een bepaalde telemonitoringoplossing voor. De telemonitoringprovider gaat aan de slag, organiseert opvolging, metingen, analyses, maakt een rapport en stuurt dit door naar de arts. We zien dat als iets gelijkaardigs en vandaar de naam telemonitoringvoorschrift."</p>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Voordeel voor alle partijen</h2>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Eigenlijk is telemonitoringvoorschrift een hub, een platform, een softwarepoortje dat Byteflies ontwikkeld heeft en de schakel is tussen alle EPD's en alle telemonitoringproviders (zie illustratie) met voordeel voor alle partijen</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><strong>De ziekenhuizen</strong>
<ul class="wp-block-list">
<li>De ziekenhuizen krijgen veel sneller toegang tot telemonitoringtools: er moet niet meer gewacht worden op integratie in het EPD.</li>



<li>Er is eigenlijk heel weinig werk zowel voor IT als voor DPO want een extra voordeel aan dit poortje is dat je afspraken kunt maken en definiëren wanneer één van deze partijen mag integreren (bijv. voldoen aan GDPR, aan bepaalde normeringen, aan bepaalde wetgevingen).</li>



<li class="translation-block">Het werk van de aparte DPO's in alle ziekenhuizen wordt op deze manier gecentraliseerd en dus gereduceerd.</li>
</ul>
</li>



<li><strong>Voor de EPD's</strong>
<ul class="wp-block-list">
<li>Voor de EPD's bestaat slechts één integratiekanaal, dat ook betekent minder werk.</li>



<li>Via het poortje kunnen alle data van de verschillende partijen worden geïntegreerd op een gestructureerde manier en binnengetrokken in het EPD.</li>
</ul>
</li>



<li><strong>De FOD Volksgezondheid</strong>
<ul class="wp-block-list">
<li class="translation-block">De FOD Volksgezondheid ondersteunt het project omdat het zorgt voor consistentie: alle data van alle partijen vloeien op een gestandaardiseerde manier terug naar het zorglandschap.</li>



<li class="translation-block">Dat zorgt ervoor dat secundair gebruik van de data gemakkelijker mogelijk wordt. Een extra voordeel is dat data eenvoudigweg met elkaar kunnen worden vergeleken.</li>



<li>Het poortje maakt immers gestandaardiseerde implementatie van de data mogelijk, los van het gebruikte formaat bij de telemonitoring.</li>
</ul>
</li>



<li><strong>De patiënt</strong>
<ul class="wp-block-list">
<li>De patiënt, ten slotte, krijgt veel sneller toegang tot innovatieve technologieën die er al zijn en die er aan komen.</li>
</ul>
</li>
</ul>



<h2 class="wp-block-heading">Lopend project</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De oncologiepatiënten en het zorgteam van UZ Leuven waren de eersten om het telemonitoringvoorschrift te testen. Daar werd de volledige koppeling van patiëntmeting tot data-integratie in het EPD van UZ Leuven (Nexuzhealth) voor de eerste keer uitgevoerd.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">"Vandaag is Byteflies de implementatiepartner die de softwarecomponent (het poortje) aan het opbouwen is. We maken afspraken met alle verschillende spelers over de manier om ze te integreren. We bouwen een website om duidelijk te maken hoe te integreren zowel naar telemonitoringproviders als naar EPD's zodat de integratiecomplexiteit die er vandaag is voor de betrokken partijen uit het Belgische landschap wordt weggehaald en er een standaard komt voor data-integratie."</p>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Om dit project te realiseren en valideren, heeft een consortium o.l.v. het O.L.V. van Lourdes Ziekenhuis Waregem 1,5 miljoen extra financiering gekregen van FOD Volksgezondheid. Byteflies neemt de implementatie voor haar rekening. De validatie gebeurt door de deelnemende ziekenhuizen.</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Een voorstel tot deelname aan het project werd gestuurd naar alle ziekenhuizen, van wie 47 al hebben ingetekend. De verantwoordelijke van elk deelnemend ziekenhuis zal mee richting geven aan de uitbouw en uitrol van het voorschrift, en de nieuwe manier van integratie uittesten. Elk deelnemend ziekenhuis krijgt een budget om aan telemonitoring te doen binnen het project. Het ziekenhuis kan kiezen voor welk zorgproces ze dat inzetten, bijvoorbeeld holtermonitoring in de cardiologie, postoperatieve follow-up, hartfalen, enzovoort.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De data worden via het poortje (waar ze trouwens niet worden opgeslagen) op een gestandaardiseerde manier opgeslagen in het EPD. Deze testperiode moet vermijden dat we met de IT-diensten van het ziekenhuis een software aan het bouwen zijn die toch niet in het veld wordt geaccepteerd, omdat bepaalde zorgverleners of DPO's er niets aan hebben, of niet aan hun verwachtingen voldoet.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">We willen de ziekenhuizen vanaf dag 1 meenemen door hen budget te geven om patiënten op te meten door deze nieuwe manier van werken.</p>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Incentive voor de ziekenhuizen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Naar veiligheid toe is het nuttig om weten dat</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">"Byteflies een medisch gekeurd bedrijf is dat de juiste standaarden hanteert om data thuis op een veilige manier op te meten en in het ziekenhuis te krijgen. We voldoen aan strikte normeringen die we bewaken bij de ontwikkeling van onze eigen telemonitoringoplossingen. En diezelfde normeringen passen we toe bij de ontwikkeling van het poortje."</p>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Veel van de telemonitoringproviders zijn zich al aan het aansluiten op het platform.</p>



<ul class="wp-block-list">
<li class="translation-block">Zowel start-ups ( zoals move Up, Fibri Check , Comunicare, Bewell, Remecare …)</li>



<li class="translation-block">maar ook grotere internationale bedrijven zijn al aangesloten (zoals Siemens, ResMed …).</li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">In veel zorgprocessen is er voordeel te halen uit het op afstand te monitoren van patiënten. Ziekenhuizen worden ook gemotiveerd om een telemonitoringvoorschrift op te zetten.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">"De telemonitoring die de ziekenhuizen wensen te verwezenlijken tijdens het project, kunnen ze opzetten met de telemonitoringprovider van hun keuze. En dat zorgt ervoor dat het een beetje een incentive wordt: ziekenhuizen willen graag dat data op een gestandaardiseerde manier binnenkomen, ze beginnen telemonitoringproviders aan te sturen door te zeggen dat ze graag telemonitoring voor dit zorgproces met hen willen opzetten en daar financiering voor hebben.</p>
</blockquote>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">De telemonitoringproviders moeten zich natuurlijk eerst aansluiten bij de hub - dat is de eis die we stellen vooraleer ze kunnen testen want anders is het geen goede test." Op die manier worden positieve incentives ingebouwd om zoveel partijen mogelijk aan te sluiten.</p>
</blockquote>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">Dat geldt eveneens naar EPD-ontwikkelaars: zij moeten zelf de integratieactiviteiten opzetten om te integreren in de hub, de incentive hier is dan als een groter aantal ziekenhuizen aangeeft dat veel van hun zorgverleners en patiënten vragende partij zijn.</p>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Nu met financiering maar daarna?</h2>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Het is de bedoeling om op het einde van het project de hub van het telemonitoringvoorschrift in het Belgische zorglandschap achter te laten als een neutrale vzw, ofwel georganiseerd door het FOD Volksgezondheid of door de ziekenhuizen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Wij doen vandaag de ontwikkeling als Byteflies maar zien dat niet als een businessmodel voor ons. Er zal dan een werkingsbudget nodig zijn om de hub in leven te houden. De kans is groot dat het FOD Volksgezondheid zelf voor de middelen gaat zorgen voor een klein werkingsteam (bijv. voor de integratie van nieuwe standaarden of nieuwe aanvragen) en voor onderhoud."</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/essor-de-la-prescription-de-telesurveillance/">Essor de la prescription de télésurveillance</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Un coup de pouce pour des start-up santé</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/un-coup-de-pouce-pour-des-start-up-sante/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 03 Dec 2025 08:34:54 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Collaboration innovante]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #20]]></category>
		<category><![CDATA[Marianne Ghyoot]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Roel Smolders]]></category>
		<category><![CDATA[Sophie Liénart]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95376</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman, Roel Smolders, Marianne Ghyoot en Sophie Liénart</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/un-coup-de-pouce-pour-des-start-up-sante/">Un coup de pouce pour des start-up santé</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Roel Smolders<br></strong>Membership Development &amp; Services Director Medvia <br><a href="http://www.medvia.be" target="_blank" rel="noreferrer noopener">http://www.medvia.be <br></a><a href="mailto:roel.smolders@medvia.be">roel.smolders@medvia.be</a></p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Sophie Liénart<br></strong>Project coordinator Lifetech.brussels <br><a href="http://www.lifetech.brussels/" target="_blank" rel="noreferrer noopener">http://www.lifetech.brussels</a> <br><a href="mailto:slienart@hub.brussels">slienart@hub.brussels</a></p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">Marianne Ghyoot<br>Director Research &amp; Innovation BioWin <br><a href="http://www.biowin.org/" target="_blank" rel="noreferrer noopener">http://www.biowin.org</a> <br><a href="mailto:marianne.ghyoot@biowin.org">marianne.ghyoot@biowin.org</a></p>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">Socio-economische waarde creëren in het zorglandschap</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Op 19 september 2024 organiseren Medvia, BioWin en lifetech.brussels, de drie Belgische regionale clusters van organisaties en bedrijven uit de zorgsector, gezamenlijk een event dat innovatie in de gezondheidszorg een boost moet geven. Het event kreeg de naam Health on Stage.be. Maar wie zijn die clusters, hoe gaan ze in de praktijk te werk en waarom een gezamenlijke organisatie?</h3>
</blockquote>



<h3 class="wp-block-heading">Innovatie vormt de kern van de ziekenhuisrevolutie en brengt de gezondheidszorgsector
in een nieuw tijdperk. Onze instellingen moeten het hoofd bieden aan aanzienlijke uitdagingen en tegelijkertijd profiteren van grote technologische kansen.</h3>



<p class="wp-block-paragraph">Een cluster in deze context is een organisatie die een netwerk van bedrijven in een bepaald domein faciliteert om samen te werken en zo kennis te delen en de competitiviteit te verhogen. Zoals het in ons land betaamt, zijn die opgedeeld volgens de gewesten: Medvia in het Vlaamse Gewest, BioWin in het Waalse Gewest en lifetech.brussels in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Naargelang de locatie van de zetel van activiteit, kan een bedrijf, een organisatie of een zorginstelling aansluiten bij de cluster (of competitiviteitspool) van zijn gewest om van diens dienstenpakket te genieten. Eén van de redenen voor de organisatie van Health on Stage. be is dan ook betrokkenen over de gewesten heen samen te brengen. Eerst kennismaken met de drie hoofdspelers.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Wat is het doel?</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Medvia is de Vlaamse speerpuntcluster rond zorginnovatie. Roel Smolders: "Medvia ondersteunt bedrijven uit de healthtech-sector bij het ontwikkelen, naar de markt brengen en duurzaam implementeren van nieuwe innovatieve producten of diensten." Het werkgebied is heel breed - van digitale toepassing over medical device tot biotechnologie - en brengt alle types van bedrijven samen - van heel jonge start-ups tot multinationals. De ondersteuning kan gaan over wetgeving, toegang tot financiering, maar heel wat inspanning gaat naar matchmaking. "Daarbij is het belangrijkste doel het samenbrengen van alle verschillende actoren in het ecosysteem om van elkaar te leren en te weten waar elkaars uitdagingen en opportuniteiten liggen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Daarbij is het belangrijkste doel het samenbrengen van alle verschillende actoren in het ecosysteem om van elkaar te leren en te weten waar elkaars uitdagingen en opportuniteiten liggen. Daarnaast hoort ook ondersteuning bij internationalisering tot ons takenpakket en twee keer per jaar organiseren we een oproep tot projecten waar consortia van Vlaamse actoren in de zorgsector projecten kunnen indienen om samen nieuwe, innovatieve concepten uit te werken." BioWin is de Waalse competitiviteitspool in het domein van life science gezondheid, opgericht in 2006. Marianne Ghyoot: "De bedoeling is kennis, socio-economische waarde en tewerkstelling te creëren via researchprojecten en innovatieve samenwerkingsprojecten ten voordele van patiënten en maatschappij. Ons dienstenpalet werd met de jaren uitgebreid en includeert vandaag ondersteuning bij het opzetten van innoverende en samenwerkingsprojecten, hulp bij de groei van ondernemingen, netwerkvorming en zichtbaarheid op internationaal vlak. Een laatste dienst  - opkomend maar onontbeerlijk - betreft alles wat verband houdt met talenten: we analyseren de situatie op vlak van noodzakelijke competenties en vormingen opdat de ondernemingen kunnen blijven functioneren, maar voorzien ook sleutelposities die zullen ontbreken." Lifetech.brussels is de Brusselse openbare cluster gezondheid die deel uitmaakt, net als 5 andere clusters, van hub.brussels, het Brusselse Agentschap voor Bedrijfs- ondersteuning. Sophie Liénart: "De missie van de cluster lifetech is vergelijkbaar met die van BioWin en Medvia, namelijk het versnellen en veiligstellen van innoverende technologische oplossingen met een hoog potentieel zodat ze sneller op de markt geraken en de f inale gebruikers er dus van kunnen genieten, of dat nu patiënten of gezondheidswerkers zijn."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Wie zijn de leden?</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Leden kunnen alle spelers zijn die een rol hebben in het ecosysteem van de gezondheidszorg. Roel Smolders: "We hebben een 150-tal leden, voornamelijk bedrijven, maar ook universiteiten, universitaire en andere ziekenhuizen, thuiszorgorganisaties, kennisinstellingen (bijv. IMEC, VITO, VIB), hogescholen … We werken ook nauw samen met heel wat andere organisaties zoals Voka Health Community, In4Care en lokale healthtech clusters zoals HealthHub Aalst, de Digital Health cluster in West-Vlaanderen, Health Campus in Limburg of Watt the Health in Gent. Hoewel we allemaal dezelfde ambitie hebben, ligt de focus vaak anders waardoor we heel complementair zijn. Van die complementariteit willen we optimaal gebruik maken om nauw samen te werken."</p>



<p class="wp-block-paragraph">BioWin telt 260 leden. Naast kleine, middelgrote, grote ondernemingen in de sectoren biofarma en medische technologieën, zijn ook lid: de vijf universiteiten van de Fédération Wallonie-Bruxelles, de onderzoekslaboratoria van deze universiteiten - met uitzondering van de centra voor fundamentele research -, de geaggregeerde onderzoekscentra (zoals onder andere SIRRIS), de ziekenhuizen (voornamelijk universitaire), investeerders, clusters uit de andere gewesten …</p>



<p class="wp-block-paragraph">De cluster lifetech.brussels groepeert meer dan 100 effectieve leden, waaronder ongeveer 40 partners en een 70-tal ondernemingen in het domein gezondheid. Sophie Liénart: "Onze leden zijn meestal bedrijven die nood hebben aan onze adviezen, vaak hebben ze nog geen ondernemingsnummer of zijn het heel kleine ondernemingen aan het begin van hun traject; meestal zijn het ondernemingen die financiering zoeken om hun activiteit op te starten. Van de ongeveer 70 effectieve leden horen 24% thuis in het domein medtech (eerder hardware), 17% digitale medtech (eerder software maar die toch moeten voldoen aan de Medical Device Regulation), 34% e-health (digitale gezondheid die niet moeten voldoen aan de MDR-regels), 10% biopharma, en de overige vallen buiten deze categorieën." Tot de partners van lifetech, horen ziekenhuizen, investeerders, federaties zoals Agoria (de federatie van de Belgische industriële technologie), en beMedTech (de Belgische federatie van de medische technologieën), onderzoeksgroepen, patiëntenverenigingen, Innoviris (dat research en innovatie financiert in Brussel) … "Kortom, een hele reeks actoren die het ecosysteem verrijken en die het mogelijk maken om robuuste bedrijfsprojecten te ontwikkelen."</p>



<h2 class="wp-block-heading">De procedure voor projecten in Vlaanderen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Een van de manieren om tot concrete oplossingen voor een zorgnood te komen, is het werken met projecten. De thema's zijn heel breed en worden gedefinieerd door consortia. Bij Medvia moet een consortium altijd minstens door drie actoren (bedrijven, zorgorganisaties …) gedragen worden. "Onze focus ligt op de vier D's: Drugs, Diagnostics, Devices en Digital. Twee van deze vier aspecten moeten in het projectvoorstel worden behandeld, al worden die redelijk ruim geïnterpreteerd. We willen nauw gefocuste thema's vermijden omdat we ervan uitgaan dat de meeste vooruitgang kan geboekt worden waar een integratie van verschillende visies, onderzoekdomeinen samenkomen." De consortia worden door Medvia van heel dichtbij begeleid. Vaak kruipt er veel tijd in het precies definiëren van de vraagstelling omdat enerzijds het consortium ervan afhangt - je moet ervoor zorgen dat je de juiste mensen met de juiste competenties rond de tafel krijgt - en anderzijds moet je er ook voor zorgen dat iedereen dezelfde visie heeft over de uitdaging waarrond zal worden gewerkt. Door mensen samen te brengen en in een aantal stappen de vraagstelling gedetailleerd te formuleren, ga je er ook voor zorgen dat het consortium goed in elkaar zit. Je kan dan eventueel vaststellen dat er nog een bijkomende partner nodig is omdat je nog competenties mist. Eens het consortium de vraagstelling heeft voltooid, wordt een abstract ingediend dat voor een internationale jury gepitcht wordt. Elk projectvoorstel wordt ook nog voorgelegd aan "de Zorgadviesraad, dat is een adviesraad opgesteld door partijen specifiek uit zorgorganisaties. Omdat het zwaartepunt van dit soort projectvoorstellen toch nog steeds bij de bedrijven ligt, zetten we deze extra lakmoesproef op: voldoet de technologie die je gaat opzetten aan de verwachtingen en de eisen van de zorgorganisatie? Als daar groen licht wordt gegeven, wordt gestart met het schrijven van het volledige projectvoorstel".</p>



<p class="wp-block-paragraph">De projectoproepen kunnen door alle stakeholders worden beantwoord. Meestal zijn het leden van Medvia die intekenen op de projecten, of bedrijven die lid worden. Ook niet-leden kunnen erop inschrijven, mits betaling van een fee voor de ondersteuning die ze van Medvia krijgen.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Een cluster is een organisatie die de samenwerking faciliteert in een specifiek domein van een netwerk van ondernemingen</h3>
</blockquote>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column has-background is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow" style="border-top-left-radius:10px;border-top-right-radius:10px;border-bottom-left-radius:10px;border-bottom-right-radius:10px;background-color:#fbfbfb;padding-top:20px;padding-right:20px;padding-bottom:20px;padding-left:20px">
<h2 class="wp-block-heading">Wie kan lid worden?</h2>



<p class="wp-block-paragraph">• Elke onderneming gevestigd in Brussel die een innoverende en technologische oplossing heeft ontwikkeld in het ecosysteem gezondheid kan lid worden bij lifetech. brussels zonder kosten. Als de onderneming nog niet gevestigd is in Brussel maar op het punt staat om dat te zijn, kan ze aspirant lid worden en heeft ze twee jaar om zich te vestigen en kennis te maken met wat lifetech haar te bieden heeft. Effectieve leden zijn ondernemingen die reeds een sociale zetel of operationele kantoren in Brussel hebben. Het lidmaatschap is gratis voor iedereen, maar de voorgestelde diensten aan leden en partners zijn verschillend.</p>



<p class="wp-block-paragraph">• Elke onderneming of andere instelling kan een aanvraag tot lidmaatschap bij BioWin indienen. Het lidmaatschap is betalend. De bijdrage varieert naargelang het soort instelling en de grootte van het bedrijf. Als competitiviteitspool is BioWin verplicht private inkomsten te hebben omdat de overheidsfinanciering geen 100% bedraagt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">• Bij Medvia kunnen bedrijven aankloppen die een zetel in Vlaanderen hebben. Ook hier is het lidmaatschap betalend, en varieert de bijdrage naargelang de grootte van het bedrijf en de rol die het bedrijf wil opnemen in het ecosysteem. Voor beginnende start-ups, jonger dan drie jaar, is het lidmaatschap wel gratis.</p>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">Oproep tot projecten in Wallonië</h2>



<p class="wp-block-paragraph">BioWin lanceert eveneens projectoproepen met thema's die kaderen in twee grote strategische domeinen: biofarma waartoe biotech, bioproductie, vaccins, celen gentherapieën horen en healthtech waarin medical devices, diagnostics in vitro, e-gezondheid vervat zitten. In vergelijking met biofarma is healthtech een opkomende sector. Dan is er nog een thema dat thuishoort in beide domeinen: nucleaire geneeskunde. "In België is dit een expertisedomein, zowel in Brussel, Wallonië als Vlaanderen. In onze portefeuille zitten verschillende researchprojecten in de nucleaire geneeskunde, bijv. rond protontherapie en uitrustingen voor radiofarmacie. Deze projecten worden gedragen door hoofdactoren, zoals het bedrijf IBA of nog het bedrijf TRACIS, dat vandaag 350 werknemers telt (ze zijn begonnen met 10 in 2009!). Verschillende samenwerkingen met onder andere de KU Leuven voor projecten met protontherapie zijn lopende. In de samenwerking tussen clusters willen we vooral de medtech-sector ondersteunen en de samenwerking tussen industriëlen, academici en ziekenhuizen versterken."</p>



<p class="wp-block-paragraph">BioWin zet drie projectoproepen per jaar uit. Een samenwerkingsproject moet minstens bestaan uit vier partners: twee bedrijven en twee universitaire researchlabo's of onderzoekscentra. Twee partners waaronder de onderneming die het project draagt, moeten Waals zijn, maar de twee andere partners mogen buiten Wallonië liggen en moeten dan voor eigen financiering zorgen. "We hebben al enkele projecten gehad in samenwerking met een Brusselse partner (bijv. het EORTC) die werden opgezet in samenwerking met Innoviris."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Net als Medvia, begeleidt BioWin ondernemingen, bij het uitwerken van projecten volgens een grondig proces, door de partner die het project draagt te helpen om andere partners te vinden om zijn consortium te vervolledigen. Kennis van het Waalse netwerk en het netwerk buiten Wallonië is een troef. "We begeleiden vooral bij het structureren van het project, opdat de verschillende gevraagde criteria in het dossier voor de kandidatuurstelling correct zouden worden beantwoord." De medische nood waarvoor het project een oplossing moet vinden, de te leveren producten die uit het project vloeien, de marktkennis, de competitie evenals de valorisatie moeten duidelijk geformuleerd worden om elke kans te benutten opdat het project gefinancierd geraakt.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Hoe gebeurt de financiering?</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Het schrijven van een project kan zorgen voor een althans gedeeltelijke financiering van idee naar resultaat en om dan die resultaten duurzaam te implementeren in het zorgecosysteem.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In Vlaanderen heeft Medvia jaarlijks 9 miljoen euro geoormerkte financiering ter beschikking van VLAIO (Agentschap Innoveren en Ondernemen in Vlaanderen). Daarmee kunnen 8 à 9 projecten worden goedgekeurd. "Als er projecten zijn die om één of andere administratieve of procedurele reden niet kunnen worden goedgekeurd, gaan we dikwijls met die consortia aan de slag om andere financieringskanalen aan te spreken: interregionaal, via de Europese commissie, federale financiering … We proberen eventueel consortia te begeleiden naar andere bronnen van financiering die misschien nauwer aansluiten bij hun specifieke topic", aldus nog Roel Smolders. Bij BioWin worden de proje</p>



<p class="wp-block-paragraph">Bij BioWin worden de projecten gefinancierd door SPW (Service Public de Wallonie), het equivalent van Innoviris in het Brusselse gewest en VLAIO in het Vlaamse gewest. Het belangrijkste doeleinde is de socio-economische impact voor de industriële partner: eens het project gecommercialiseerd werd, hoeveel jobs werden gecreëerd, in welke mate werd het socio-economische weefsel in Wallonië versterkt, wat zijn de verwachte netwerkeffecten? Met de impact op vlak van gezondheid wordt eveneens rekening gehouden. Oorspronkelijk waren de competitiviteitspolen in Wallonië opgezet met als doel de economische herstructurering in de regio te stimuleren. De pool BioWin telt vandaag 71 projecten waarvan 22 lopende zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Lifetech.brussels beschikt niet over een enveloppe om projectoproepen te lanceren. Sophie Liénart: "We werken daarentegen wel nauw samen met Innoviris dat elk jaar een projectoproep lanceert met name Research Platforms. Ook hier zijn drie partners vereist: een onderneming (de mentor) en minstens twee verschillende researchinstellingen. De twee researchinstellingen kunnen tot 100% financiering krijgen, de mentor slechts tot 80%. Het thema verandert elk jaar en meestal wordt 4 à 5 miljoen euro toegekend aan 7 à 8 projecten. Een project duurt ook meerdere jaren en onze rol bestaat erin om de projecten na te lezen, hen uit te dagen vooraleer ze de dossiers neerleggen, en contacten te vergemakkelijken met verschillende partners die zouden willen bijdragen tot zulk project."</p>



<h2 class="wp-block-heading">De diensten voorgesteld door lifetech.brussels</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De diensten voorgesteld door lifetech draaien rond vijf pijlers:</p>



<h3 class="wp-block-heading">1) Individuele en collectieve begeleiding</h3>



<p class="wp-block-paragraph">Individueel gaat het om het nalezen van de dossiers met de kandidaturen (neergelegd bij Innoviris of in Europa) voor het verkrijgen van financiering, het stellen van de goede vragen om een sterk businessplan te ontwikkelen, het helpen bij de voorbereiding van fondsenwerving, het oefenen van de pitch … Over collectieve begeleiding, "sinds 2026 werken we met een start-up versneller, de MedTechAccelerator. Het doel van dit programma is ondernemers helpen die medical devices ontwikkelen (digitale of niet-digitale) en die een correct antwoord op hun vragen op het juiste moment wensen te ontvangen. We organiseren workshops, groepsateliers, gegeven door experten over thema's rond specifieke medische technologie of rond business, in kleine groepen deelnemers. We moedigen hen ook aan het ecosysteem te ontmoeten om hun oplossing te valideren. Jaarlijks worden zo 8 à 10 projecten omkaderd", legt Sophie Liénart uit.</p>



<h3 class="wp-block-heading">2) Kennisoverdracht</h3>



<p class="wp-block-paragraph">Informatie doorgeven aan de gemeenschap via thematische workshops (terugbetaling, verkoopstrategie in het ziekenhuis, go to market …).</p>



<h3 class="wp-block-heading">3) Netwerkvorming</h3>



<p class="wp-block-paragraph">Organiseren van allerhande events, van netwerking,
zodat de schotten tussen de silo's die nog aanwezig zijn bij verschillende actoren, weggehaald worden.</p>



<h3 class="wp-block-heading">4) Zichtbaarheid</h3>



<p class="wp-block-paragraph">"Op onze sociale media, in onze nieuwsbrieven, op onze website proberen we zoveel mogelijk het succes van onze ondernemingen naar voor te schuiven en te vieren (fondsenwerving, partnerschap, product op de markt, belangrijke klant binnengehaald …). Als ondernemingen specifieke vragen hebben, bijv. de zoektocht naar een medestichter of een verkoper, verspreiden we de informatie in de hele gemeenschap om een positief antwoord te bewerkstelligen", aldus nog Sophie Liénart.</p>



<h3 class="wp-block-heading">5) Internationalisering</h3>



<p class="wp-block-paragraph">"We organiseren missies in het buitenland, en proberen daarbij te zorgen dat ze aan de noden beantwoorden van de ondernemingen, de ziekenhuizen en de partners die ons vergezellen (vaak ziekenhuizen). Hierin zijn vervat: een hele reeks specifieke bezoeken, of bij andere ziekenhuizen ter plekke, of met het ecosysteem van lokale ondernemers in de gezondheidszorg. Dit zijn inspiratiereizen voor de deelnemers, die transport, hotel, enz. zelf betalen. De bezoeken georganiseerd door lifetech zijn gratis. Sommigen vinden zo potentiële klanten ter plekke, of creëren nieuwe partnerschappen. Anderzijds, nemen we ook deel aan salons, georganiseerd door derden, maar door er een Brusselse delegatie naartoe te begeleiden. We belichten conferenties en organiseren VIP-ontmoetingen met de focus op wat het meeste impact kan hebben voor onze leden."</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Een van de manieren om tot concrete oplossingen voor een zorgnood te komen, is het werken met projecten</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">De noodzaak aan intergewestelijke
samenwerking</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Health on Stage.be, het gemeenschappelijke event georganiseerd door de drie Belgische gewestelijke gezondheidsclusters in Brussel op 19 september, is het enige op nationaal niveau en uniek in haar soort.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een eerste doel is de financiering van grootschalige innovatieprojecten mogelijk maken en de sector, die vooral door kleine en middelgrote ondernemingen wordt gedragen, ondersteunen. "Er bestaan tools voor de financiering, eigen aan elk gewest, maar het is veel moeilijker om innovatieprojecten die een gewest overschrijden, te realiseren. Op federaal niveau zijn de subsidies en de kalenders voor het indienen van projectoproepen sterk gesegmenteerd, terwijl bedrijven op het terrein niet door gewestgrenzen worden geblokkeerd", legt Marianne Ghyoot uit.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Health on Stage.be heeft de ambitie om alle ziekenhuizen van het land samen te brengen en warm te maken, wat een groot aantal ondernemingen zou moeten aantrekken. De organisatie gebeurt in verschillende stappen, zoals Sophie Liénart uitlegt: "De eerste was een lijst met noden te identificeren die zorginstellingen kunnen tegenkomen. Deze lijst werd voorgelegd aan INNOVATIEVE SAMENWERKING Een van de manieren om tot concrete oplossingen voor een zorgnood te komen, is het werken met projecten 20 HOSPITALS.be - 2/2024 een consortium actoren uit de Belgische gezondheidssector, met name Coalition Next Belgium. Ze hebben ons geholpen om de noden op de lijst te valideren. De lijst werd daarna verfijnd: van een 30-tal zijn we naar 12-13 noden gegaan. In de tweede stap werd de verfijnde lijst gestuurd naar alle ziekenhuizen van het land om hun positionering ten opzichte van de geïdentificeerde noden te kennen met volgende antwoorden: (1) ik wens een pitch te houden over het onderwerp, (2) mijn visie te delen over de voorgestelde problemen of één van de noden, (3) ik heb al een project over dat thema achter de rug en ik wil er wel over komen praten, of (4) ik heb al een project lopende en heb niet echt interesse."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Begin juli werden uit de verzamelde antwoorden de noden geïdentificeerd die tijdens het event zullen worden besproken in break out rooms, met het label van de enkele gekozen prioritaire noden. De sprekers zullen vertegenwoordigers zijn van de ziekenhuizen die het probleem zijn tegengekomen en/of een oplossing hebben gevonden. "Het publiek zal bestaan uit andere ziekenhuizen, met interesse voor dat thema, of nieuwsgiering om te horen wat over het onderwerp zal worden gezegd, maar eveneens ondernemingen, farmagroepen, reseachlabo's … In parallel loopt over de hele dag een matchmaking-event waardoor de deelnemers anderen kunnen leren kennen, of een ziekenhuis, of een oplossing … zodat uitwisselingen mogelijk worden, discussies, synergieën, en misschien wel toekomstige samenwerkingen."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Vertrekken van noden en niet van
oplossingen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Roel Smolders van Medvia is de auteur van een rapport over innovatie in het ziekenhuis en de paradigmashift die zich daarin aan het voltrekken is*. In plaats van oplossingen ontwikkeld door researchcentra naar de markt en de gebruikers te brengen, komen in de ziekenhuizen steeds meer specifieke noden en problemen voor die een oplossing vereisen (zie figuur hieronder). Vandaar ook de opzet van Health on Stage.be.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"De grootste uitdaging in de gezondheidszorg", volgens de auteur, "ligt niet in het creëren van nieuwe technologieën maar in het creëren van een duurzame systeem- en procesinnovatie. We moeten evolueren naar nieuwe werkwijzen door gebruik te maken van innovatie (zie figuur hieronder). Innovatie moet de weg vinden naar een plaats in de normale manier van werken binnen gezondheidszorgorganisaties. Om tot duurzame oplossingen te komen, moet je echter niet alleen de technologie uitvinden, maar ook het systeem, het businessmodel, veranderen. Dat is één van de grootste uitdagingen."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Door te vertrekken van de inclusie van artsen, verpleegkundigen, ziekenhuizen om samen na te denken over hoe ze innovatieve technologieën kunnen includeren in hun werkwijze én in de manier waarop de gezondheidszorg wordt gefinancierd - en dat liefst zo vroeg mogelijk -, zal een eerste stap gezet zijn in het implementeren van innovatie in de gezondheidszorg. "De innovatiecultuur moet worden gewijzigd. Veel bedrijven zien de hindernis niet die overwonnen moet worden om tot een duurzaam businessmodel te komen."</p>



<p class="wp-block-paragraph">En denk eraan: de beste innovaties zijn oplossingen die zo eenvoudig zijn dat iedereen zegt waarom heb ik daar niet eerder zelf aan gedacht. In de ziekenhuizen worden steeds meer innovatiemedewerkers benoemd om de paradigmashift gestalte te geven. Co-creatie tussen een zorgorganisatie en een bedrijf is de eerste stap in een partnerschap dat kan helpen om ideeën te verwezenlijken die perfect aansluiten op de noden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">*<a href="/nl/* https://medvia.be/paradigm-shifts-in-health-innovation-read-medvias-white-paper/" target="_blank" rel="noreferrer noopener">* https://medvia.be/paradigm-shifts-in-health-innovation-read-medvias-white-paper/</a></p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph">Het inschrijvingsformulier voor deelname aan
Health on Stage.be is vanaf nu online beschikbaar: <a href="https://health-on-stagebe.b2match.io/home" target="_blank" rel="noreferrer noopener nofollow">health-on-stagebe.b2match.io/home.</a></p>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph"></p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/un-coup-de-pouce-pour-des-start-up-sante/">Un coup de pouce pour des start-up santé</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Un bel exemple de restauration de la biodiversité</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/un-bel-exemple-de-restauration-de-la-biodiversite/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 16:01:27 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #17]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Pauline Modrie]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95338</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman en Pauline Modrie</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/un-bel-exemple-de-restauration-de-la-biodiversite/">Un bel exemple de restauration de la biodiversité</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Pauline Modrie<br></strong>Adviseur duurzame ontwikkeling CHU UCL Namen</p>
</div>
</div>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Tijdens de Gezondheidsarchitectuurdagen op 27 en 28 maart in Brussel presenteerde Pauline Modrie, een bio-ingenieur en duurzaamheidsadviseur bij CHU UCL Namur, een biodiversiteitsproject op de site van Sainte-Élisabeth van CHU UCL Namur.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Bij het verbinden van een ziekenhuis met duurzaamheid wordt vaak in de eerste plaats gedacht aan het verminderen van fossiele energie om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Men beseft echter niet altijd dat biodiversiteit ook een belangrijke factor is voor de gezondheid van patiënten. Het gepresenteerde project heeft als doel "een laboratorium voor ervaringen te creëren over de kwestie van de gezondheidsmilieukoppeling op de site van een stedelijk ziekenhuis."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Het overschrijden van de drempel</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In 2009 publiceerden onderzoekers voor het eerst negen planetaire grenzen, het resultaat van een studie van de natuurlijke processen die essentieel zijn om een stabiel leven op aarde te garanderen, processen die beïnvloed worden door onze menselijke activiteit: de klimaatverandering, de erosie van de biodiversiteit, de wijzigingen in het landgebruik, het gebruik van zoetwater, de verstoring van de biochemische cycli van stikstof en fosfor, de verzuring van de oceanen, de atmosferische aerosolen, de afname van de ozonlaag, de chemische vervuiling (de introductie van nieuwe stoffen, voornamelijk chemische verontreinigende stoffen in de ecosystemen).</p>



<p class="wp-block-paragraph">De meest overschreden planetaire grens is de erosie van de biodiversiteit. Er zijn verbanden tussen de grenzen, bijvoorbeeld de klimaatverandering zal een impact hebben op de verandering in de biodiversiteit. De meeste grenzen werden gekwantificeerd en voor elk ervan werd een drempel geïdentificeerd die een kantelpunt vormt. Het overschrijden van de drempel zal de evenwichtstoestand overschrijden en de levensvatbaarheidsvoorwaarden op aarde zijn dan niet meer gegarandeerd. Gelukkig voor ons is er altijd een moment van aanpassing.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Bijvoorbeeld, op het niveau van de klimaatverandering waarmee we geconfronteerd worden. Ondanks de onvermijdelijke impact van een temperatuurstijging op de levensomstandigheden op aarde, is het mogelijk om zich aan te passen aan een verandering van +2°C door een hele reeks maatregelen te nemen om deze temperatuurstijging te beperken. Maar na het kantelpunt zal dit niet meer mogelijk zijn en zullen de dramatische gevolgen van het overschrijden van deze planetaire grens moeten worden ondergaan.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een razendssnelle erosie</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Biodiversiteit verwijst naar alle levende wezens en de ecosystemen waarin ze leven. Deze term omvat ook de interacties van soorten met elkaar en met hun omgeving. De voordelen voor mensen worden geconcretiseerd door middel van de ecosysteemdiensten die de biodiversiteit ons verleent: regulering, sociaal-cultureel, bevoorradingsondersteuning...</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dankzij de biodiversiteit hebben we toegang tot bepaalde geneesmiddelen, bepaalde voedingsmiddelen, de stabiliteit van ons voedselsysteem, de efficiëntie van onze landbouw... om er maar enkele voordelen te noemen. Deze ecosysteemdiensten worden geput uit ecologische functies: bestuiving, predatie, reproductie, fotosynthese, de synthese van moleculen die zelf worden geleverd door de soorten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De regulatiediensten zijn talrijk en ook belangrijk in de verstedelijking: regulering van overstromingen, controle van erosie, recycling van organisch afval, productie van zuurstof, bestuiving, regulering van ziekten, behandeling van afvalwater, behoud van de bodemvruchtbaarheid... Tussen 1970 en 2007 verloor de aarde 39% van deze soorten en in 2018 spreekt een schatting van een verlies van ongeveer 69% van de ongewervelden overal ter wereld.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het normale verdwijnen van soorten schommelt tussen 0,1 en 1 soort per miljoen soorten per jaar, maar vandaag hebben we deze grens overschreden en verliezen we 100 soorten per miljoen soorten per jaar. Een razendssnelle erosie en op alle niveaus: bijvoorbeeld komt 75% van de voeding van de wereldbevolking van slechts 12 gecultiveerde plantensoorten en 5 diersoorten, wat vragen oproept over de stabiliteit en het ziekterisico van deze soorten en, bijgevolg, over de wereldvoeding.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Quid van het ziekenhuis?</h2>



<p class="wp-block-paragraph">50% van de oorzaken van de erosie van de biodiversiteit zou verband houden met de vernietiging van habitats (door landbouw en ontbossing, maar ook door verstedelijking en verandering in het landgebruik) en de overexploitatie van hulpbronnen. Andere oorzaken: klimaatverandering, vervuiling van water, lucht en bodem, en invasieve soorten. In totaal wordt geschat dat 75% van de terrestrische ruimte door de mens is veranderd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"In onze duurzame ontwikkelingsstrategie bij CHU UCL Namur en meer algemeen van onze maatschappelijke verantwoordelijkheid in de decarbonisatie van de gezondheidszorg in 2050, hebben we besloten om in de uitdagingen de erosie van de biodiversiteit en vervuiling op te nemen met studies over de lozingen in het water van microverontreinigende stoffen en, in het project dat ons hier aangaat, de creatie van ecologische corridors rond de ziekenhuisinfrastructuren terwijl we bewustmakingsplaatsen instellen voor de link gezondheid-milieu", legt de projectverantwoordelijke uit.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"We hebben het meest stedelijke ziekenhuis in onze groep gekozen, de site van Sainte-Élisabeth, een betonnen structuur in een niet erg groene omgeving, met vrij vervuilde straten in de buurt. Het doel van ons project – ondersteund door het Christelijk Ziekenfonds – is om in te grijpen op de gezondheidsdeterminanten door de link gezondheid-milieu en de sociale link te versterken."</p>



<h2 class="wp-block-heading">De doelstelling is drievoudig:</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De biodiversiteit rond de site van Sainte-Élisabeth verhogen;</p>



<p class="wp-block-paragraph">samenwerken met een aangepaste werkonderneming (Atelier Namur) om de competenties op het gebied van biodiversiteit te verhogen van haar werknemers die zeer actief zijn in de regio Namur – de eerste opleidingen gegeven door "Nature In Progress" tonen aan dat er een specifieke interesse is en een verbinding met de natuur die bijzonder kan zijn bij werknemers met een handicap;</p>



<p class="wp-block-paragraph">sociale banden creëren door intergenerationeel contact en contacten tussen verschillende sociale lagen te bevorderen.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Drie stappen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In de praktijk is het doel om naar een ervaringslaboratorium in drie stappen te gaan. De eerste, die al aan de gang is, is de aanleg op de site van Sainte-Élisabeth. De beplantingen zijn gedaan maar moeten nog groeien. De tweede stap heeft nog niet plaatsgevonden: de werknemers van de aangepaste werkonderneming zullen, dankzij hun nieuwe competenties die al op het terrein worden toegepast, een aanlegproject kunnen voorstellen voor de tuin van de pediatrie die de biodiversiteit versterkt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De doelstelling voor 2023 is om pedagogische begeleiding te hebben voor deze stap. Ten slotte zal de derde stap bestaan uit het tot stand brengen van een samenwerking met een rusthuis dat een budget zal ontvangen om aan de biodiversiteit te werken en samen te werken met de werknemers van het Atelier om een echte pedagogische verankering mogelijk te maken en deze aanpak duurzaam te maken.</p>



<h2 class="wp-block-heading">De lopende wijzigingen</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Wat betreft de bewustmaking van de link gezondheid-milieu, is het interessant om in het project een pedagogische aanpak op te nemen met de plaatsing van bijenkorven op het dak – terwijl de bijensoorten goed worden gekozen om concurrentie met andere soorten insecten te vermijden.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Het startpunt van het project was een audit van de biodiversiteit. Het toonde aan dat de site van Sainte-Élisabeth gebouwd is met een laag biotoop-oppervlakte-coëfficiënt. Toch is het biodiversiteitspotentieel er enorm, voornamelijk vanwege de aanwezigheid van de Citadel op de hoogten van Namen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Bijvoorbeeld, in de bak van een haagbeuk bij de ingang van het ziekenhuis, hebben we een soort wilde orchidee teruggevonden die zeer zeldzaam is in België, waarschijnlijk ter plaatse dankzij zaden die van de Citadel zijn afgedaald. Een ander element is de slechtvalk die aanwezig is op de Citadel en die we kunnen aantrekken door de plaatsing van potentiële nesten op de gevels van de site om deze ecologische bagage te creëren en de mogelijkheid voor de soorten om te overleven te versterken. Tweede voordeel, de slechtvalk is een goede roofdier van kraaien en duiven die schade veroorzaken op het dak."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Jarenlang werd de esthetiek bevoorrecht boven de biodiversiteit, reden waarom de types invasieve vegetatie die weinig belang vertegenwoordigen op het gebied van biodiversiteit, vaak zeer allergie veroorzakend, zullen worden vervangen door meer inheemse soorten. Rondom het ziekenhuis zullen de "vergeten vakken" worden aangelegd om een ecologisch netwerk te vormen en alle interessante soorten die met name op de Citadel werden teruggevonden door te geven. Sommige gevels zouden kunnen worden begroeid om een mooi visueel resultaat te bereiken en tegelijkertijd een groot belang voor insecten te bieden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Men overweegt om de kleine gazons, vaak verbrand door de zon (bijvoorbeeld in de straat die naar de ingang leidt), te vervangen door plantensoorten die de biodiversiteit bevorderen, en voor de grotere ruimtes bloemrijke zones te creëren die weinig onderhoud vergen. In de bakken bij de ingang van het ziekenhuis zijn inheemse soorten met geneeskrachtige eigenschappen voorzien, zoals de gewone taxus, gebruikt in onderzoek voor de strijd tegen kanker.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Aan de achterkant van het ziekenhuis is de bescherming van de kastanjebomen van primordiaal belang om een minimum aan groen te behouden in deze industriële zone. Echter kunnen aan de voet van de bomen de mossen voordelig worden vervangen door soorten die aangepast zijn aan deze schaduwrijke zone, bijvoorbeeld de kleine maagdenpalm, de bosanemoon of nog de speenkruid.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op de binnenhof, sterk bezocht door het verplegend personeel, is voorzien om bakken te plaatsen die het plantaardige aspect zullen versterken met inheemse planten die interessant zijn voor de biodiversiteit.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wat betreft de bewustmaking van de link gezondheid-milieu, is het interessant om in het project een pedagogische aanpak op te nemen met de plaatsing van bijenkorven op het dak – terwijl de bijensoorten goed worden gekozen om concurrentie met andere soorten insecten te vermijden. De pedagogische aanpak met informatieborden zal het mogelijk maken om ook een ervaringslaboratorium te zijn voor de aangepaste werkonderneming en om hen in competenties op dit niveau te laten toenemen.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Creatie van bewustmakingsruimtes gezondheid-milieu</h2>



<p class="wp-block-paragraph">"De erosie van de biodiversiteit is geen anekdotisch feit op planetaire schaal. Het is een grens die veel meer wordt overschreden dan alle andere. Werken aan decarbonisatie en klimaatverandering is onmisbaar – er is dringendheid om dit te doen –, maar aankomen in een wereld met meer graden waarin we doorgaan met het laten verdwijnen van soorten (wat we het zesde massa-uitsterven* noemen) is niet interessant in termen van levensvatbaarheid en leven op aarde."</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Bewustmakingsruimtes gezondheid-milieu creëren in het ziekenhuis waar er een belangrijke stroom van patiënten en bezoekers is en de biodiversiteit terugbrengen op de plaats waar men voor zijn gezondheid zorgt, is ook filosofisch motiverend met alle cobenefieten die dit kan hebben (verfraaiing, verminderd onderhoud, beheer van ongedierte, sociaal-culturele aspecten)," besluit Pauline Modrie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">*Naam die gewoonlijk wordt gegeven aan de massale en uitgebreide uitsterving van soorten tijdens het hedendaagse tijdperk, die nog steeds aan de gang is.</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/un-bel-exemple-de-restauration-de-la-biodiversite/">Un bel exemple de restauration de la biodiversité</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Quand l&#8217;architecture aide aux soins</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/quand-larchitecture-aide-aux-soins/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 16:01:06 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Architecture]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #17]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95334</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/quand-larchitecture-aide-aux-soins/">Quand l&rsquo;architecture aide aux soins</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Het architectuuragentschap Patrick Schweitzer, Schweitzer &amp; Associés Architectes (S&amp;AA) werkt al bijna 20 jaar aan projecten gericht op de accommodatie van afhankelijke personen. Het gaat hier niet alleen om oudere personen, ook om personen met psychologische en/of fysieke problemen. Op de Journées de l'Architecture en Santé, in Brussel op 27 en 28 maart ll., stelde Patrick Schweitzer enkele projecten voor die zijn ideeën achter het concept van de gebouwen illustreren. Volgens de architect gaat het om het creëren van ruimten die de zorg ondersteunen. Een ziekenhuis is een structuur waar snelheid en doeltreffendheid primeren. Een rusthuis , een gespecialiseerde instelling of een psychiatrisch ziekenhuis daarentegen zijn in de eerste plaats plekken waar geleefd wordt. Het is dus belangrijk deze plekken beveiligd en gastvrij te maken zodat de bewoners er zich
effectief veilig voelen.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens deze filosofie is er niet echt een verschil in het ontwerp van gebouwen voor ouderen, voor mensen met psychiatrische of motorische problemen, of gespecialiseerde opvanghuizen voor gehandicapte kinderen of nog dagcentra voor jongeren met visuele of auditieve beperkingen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Voor mij is het ontwerpprincipe van deze gebouwen exact hetzelfde. In alle gevallen gaat het erom ruimtes te creëren die zorg ondersteunen. In tegenstelling tot het ziekenhuis dat een structuur is waar men snelheid en efficiëntie zoekt, zijn het rusthuis, het gespecialiseerd opvanghuis of het psychiatrisch ziekenhuis in de eerste plaats leefplaatsen. Het gaat erom beveiligde en veiligheidsgevende plaatsen te creëren, gastvrije plaatsen waar de bewoners veilig zijn", legt de architect uit.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ten slotte tonen bepaalde cijfers aan dat de gezondheidszorg in België tot 7,7% van de nationale CO2-voetafdruk vertegenwoordigt. Op wereldschaal is het gemiddelde 4,4%, wat niet verwaarloosbaar is. Bovendien oefent het ziekenhuis een voorbeeldrol uit in de samenleving, wat er gebeurt is daarom belangrijk voor maatschappelijke veranderingen. Over het algemeen wordt geschat dat voor een maatschappelijke verandering 5 tot 10% van de bevolking volstaat om het kantelpunt te vormen. Om al deze redenen is het belangrijk om aan duurzame ontwikkeling in het ziekenhuis te werken."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Wandelruimtes</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Een studie is aan de gang voor een leefhuis in het Institut Saint-André in Cernay in de Elzas. Drie vleugels zijn geënt op een as die het gebouw structureert. Elke vleugel komt overeen met een woonunit op de begane grond en op de verdieping. "Het ontwerpprincipe van deze vleugels presenteert zich in de vorm van kamers die rechtstreeks uitkomen op de wandelruimte die op zijn beurt in directe communicatie staat met een patio.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is een principe dat we regelmatig gebruiken in dit type gebouw dat een andere manier van circuleren mogelijk maakt, want de wandelruimte staat niet alleen in direct contact met de natuur – de bewoners kunnen naar buiten gaan in een patio op volle grond –, maar is ook volledig open en transparant – natuurlijk licht baadt de ruimtes voorzien voor circulatie. De gemeenschappelijke ruimtes grenzen aan de circulatieruimtes, wat een continue wandeling van de patiënten mogelijk maakt, waarbij de ruimte echt een partner van de zorg wordt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Er is geen circulatie met een deur aan het einde, maar integendeel, tijdens het wandelen verandert de ruimte voortdurend, wat een vrij kalme en rustgevende sfeer creëert voor de mensen die er verblijven. Aangezien het geheel volledig beglaasd is, kan het verplegend personeel de wandeling van de mensen die in deze structuren worden gehuisvest volgen terwijl ze in de verzorgingsruimte blijven. Dit vergemakkelijkt de werking van de instelling en vermindert de interventietijd en de werktijd van de verzorgers."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op de verdiepingen opent het gebouw zich visueel naar de patio, maar de bewoners kunnen er niet noodzakelijk toegang toe krijgen. Reden waarom in de woonunit op de verdieping een serre werd gecreëerd die de bewoners in staat stelt om er te wandelen, tuinieren met bakken of andere activiteiten te doen. Er is ook voorzien om er enkele vogels in vrijheid en enkele kleine dieren te plaatsen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Onlangs, bij een bezoek aan een Alzheimer-unit en in gesprek met het verplegend personeel, hebben we ons gerealiseerd dat het contact met de natuur of activiteiten verbonden met de natuur (bijv. wortels schillen, bloemen planten...) mensen met Alzheimer terugbrengen naar hun kindertijd. Herinneringen komen terug en dat is zeer belangrijk voor hen." De ruimte gecreëerd door de architecten is fundamenteel in instellingen van dit type omdat het echt helpt voor mensen met ernstige beperkingen, niet om te genezen maar om de zorg te begeleiden, hen te kalmeren en hen op veiligheidsgevende en beveiligde plaatsen te zetten.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">In tegenstelling tot het ziekenhuis zijn het rusthuis, het gespecialiseerd opvanghuis of het psychiatrisch ziekenhuis in de eerste plaats leefplaatsen</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Als een hotelkamer</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In Erstein, een kleine gemeente nabij Straatsburg, hebben de architecten een gebouw gebouwd, zowel klassiek psychiatrisch ziekenhuis als gerontopsychiatrisch ziekenhuis, gebruikmakend van hetzelfde principe als hierboven beschreven maar op grotere schaal.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het massaplan is een soort driebladig klaverblad dat woonunits omvat die zich rond een patiotuin ontvouwen. Deze laatste stelt de patiënten in staat om op een circulaire manier te wandelen. Er zijn geen onregelmatigheden, alle vormen zijn zacht. De bewoners kunnen naar buiten gaan, zelfs als het regent want bepaalde plaatsen zijn beschut; ze kunnen er tuinieren, er zijn bomen, ruimtes op volle grond.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"In gesprek met de artsen en het verplegend personeel heb ik geleerd dat tijdens de COVID19-pandemie er geen enkel geval van COVID in de instelling was vanwege de vlotte circulatie en de zeer duidelijke scheiding tussen de ruimtes voor bewoners en de ruimtes voor het personeel."</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Alle kamers zijn eerder ontworpen in de vorm van een hotelkamer – we integreren er materialen zoals natuurlijk hout, we maken kleine nissen met grote ramen die naar buiten openen, wat de bewoners ook toelaat om meer intieme ruimtes te hebben (waar de anderen niet binnenkomen) en die veiligheidsgevend blijven terwijl ze helemaal geen ziekenhuissfeer hebben, ook al zijn ze uitgerust met de medische aansluitingen die nodig zijn in dit type instelling.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is dit type principe dat zeer royale ruimtes mogelijk maakt, die terwijl ze de zorg bevorderen een kalme sfeer creëren en de notie van opsluiting vermijden die men nog in bepaalde psychiatrische ziekenhuizen en rusthuizen vindt. Het ontwerp van deze instellingen is sterk geëvolueerd. We werken bijvoorbeeld aan een project waarin de kamers geen badkamer hebben. De directeur van het ziekenhuis heeft de voorkeur gegeven om de oppervlakte te behouden om de kamer te vergroten en de bewoners van deze instelling moeten collectieve badkamers gebruiken die ruim en uitgerust zijn. Het verplegend personeel brengt de bewoners erheen en brengt hen daarna terug naar hun kamer."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een contemplatieruimte</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Hetzelfde wandelprincipe werd toegepast in Oberhausbergen voor een uitbreiding van het geneeskundig rusthuis EHPAD Amreso Bréthel. De patiënt wandelt rond de patio en doorkruist in het centrum de gemeenschappelijke ruimte, de leefruimtes, wat een continue wandeling mogelijk maakt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"In het geval van dit project hebben we ook een bestaand gebouw herbouwd door een cultuusruimte aangrenzend aan een polyvalente zaal te verwijderen die zo werd vergroot. Ik heb de bouwheer voorgesteld om een ander klein gebouw achteraan in het park te creëren. Dit gebouw, volledig in hout, is opzettelijk rustgevend, neutraal, kalm, zonder religieuze connotatie, maar het kan op elk moment worden getransformeerd voor een eredienst. De rest van de tijd functioneert het als neutrale ruimte voor meditatie, yoga... of gewoon om te zitten en zijn innerlijk te zoeken. Om dit te bereiken hebben we gewerkt met strijklicht, een licht dat van de grond, van de aarde komt, en een ander dat van boven, van de hemel komt, dat men van buitenaf ziet."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Vaak wordt dit soort ruimte niet geprogrammeerd tijdens de bouw, maar het is belangrijk om zo'n gemeenschappelijke ruimte voor alle bewoners te hebben zodat ze zich er mentaal kunnen opladen, en voor sommigen er hun geheugen kunnen trainen en herinneringen aan hun kindertijd kunnen terugvinden. Veel patiënten zijn zeer gelukkig met deze ruimte, dixit de directeur, en gebruiken hem regelmatig.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Het principe maakt royale ruimtes mogelijk die terwijl ze de zorg bevorderen een kalme sfeer creëren en de notie van opsluiting vermijden</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Een respectvolle architectuur</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Deze enkele voorbeelden tonen aan dat op het gebied van ruimtes de architectuur kan deelnemen aan de zorg in plaatsen gereserveerd voor ouderen en/of afhankelijke personen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"De architectuur is fundamenteel voor mensen met dit soort problemen, met gedeeltelijk tekortschietende fysieke of psychische functies. Het is een architectuur waar de mens predominant wordt, een architectuur die respectvol is voor deze mensen met hun handicaps, dat is wat we proberen te doen wanneer we gebouwen van dit type ontwerpen", besluit Patrick Schweitzer.</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/quand-larchitecture-aide-aux-soins/">Quand l&rsquo;architecture aide aux soins</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Le recyclage du PVC dans le secteur médical</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/le-recyclage-du-pvc-dans-le-secteur-medical/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 15:54:05 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Environnement]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #17]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95328</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman, Medisch journalist</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/le-recyclage-du-pvc-dans-le-secteur-medical/">Le recyclage du PVC dans le secteur médical</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Pvc is een veelgebruikte plasticsoort voor medische toepassingen, en zal dat vermoedelijk in de eerstvolgende jaren nog blijven.
Een ziekenhuis moet dus afrekenen met een hoeveelheid pvc-afval van medisch materiaal voor eenmalig gebruik. Op zoek naar duurzame
oplossingen geniet pvc-recyclage de voorkeur over verbranding.
De Europaziekenhuizen (Brussel) nemen het voortouw en de resultaten van een éénjarig proefproject, VinylPlus® Med, liggen hoger dan verwacht.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Het eerste gebruik van pvc in de medische sector
was tijdens de Koreaanse oorlog waar een
andere container voor bloed (dan glas) nodig
bleek voor bloedtransfusies in de veldhospitalen. De
container moest bestand zijn tegen het droppen uit
vliegtuigen. Bovendien kon het bloed in pvc-bloedzakken gedurende 49 dagen worden gestockeerd.
Pvc-plastics voor eenmalig gebruik werden een gewaardeerd vervangmiddel voor de multigebruiksproducten
van dat moment omdat crosscontaminatie vermeden
werd, de kostprijs laag was, de fabricage vrij gemakkelijk
is en er heel veel opties voor innovatie waren.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Pvc in het ziekenhuis</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In het ziekenhuis bestaat ongeveer 30% van het gebruikte
plastic voor medical devices uit pvc, de overige 70%
wordt verdeeld over 10-15 andere polymeren. Veel van
het materiaal voor eenmalig gebruik wordt van pvc
gemaakt: allerhande buizen (voor zuurstof, irrigatie,
apiratie, katheters), zakken (bloed, IV,-dialyse), maskers
(voor zuurstof, anesthesie), pilstrips.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Maar dat geldt ook
voor ziekenhuismaterialen voor langdurig gebruik zoals
matrasbedekkingen, diagnostische en testmaterialen,
producten voor revalidatie, demonstratiepoppen …
Wegens het onderhouds- en ontsmettingsgemak wordt
pvc ook in het ziekenhuisgebouw gebruikt, zoals in
wand- en vloerbedekking, afvoerbuizen, ramen …</p>



<p class="wp-block-paragraph">Bovendien kunnen pvc-producten voor eenmalig
gebruik gemakkelijk gerecycleerd worden in producten
voor gebruik op lange termijn. Het verzamelen van
gebruikte pvc-producten is de gemakkelijkste stap; het
extraheren van de verschillende andere polymeren uit
producten en materialen is een arbeidsintensievere
bezigheid. Jammer genoeg kan de aanwezigheid van pvc
in veel recyclageprocessen van andere kunststoffen het
eindproduct onbruikbaar maken. Dit kan een probleem
zijn bij het selectief inzamelen van kunststofstromen:
erin mag geen pvc zitten of het moet er selectief uit
kunnen worden verwijderd.</p>



<figure class="wp-block-embed is-type-video is-provider-vimeo wp-block-embed-vimeo"><div class="wp-block-embed__wrapper">
<iframe title="VinylPlus® Med – committed to sustainability in healthcare" src="https://player.vimeo.com/video/507966261?h=941394db6c&amp;dnt=1&amp;app_id=122963" width="800" height="450" frameborder="0" allow="autoplay; fullscreen; picture-in-picture; clipboard-write; encrypted-media; web-share" referrerpolicy="strict-origin-when-cross-origin"></iframe>
</div></figure>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph"><a href="https://www.vinylplus.eu/sustainability/our-contribution-to-sustainability/vinylplus-med-accelerates-sustainability-in-healthcare/" target="_blank" rel="noreferrer noopener">VinylPlus® Med Accelerates Sustainability in Healthcare</a><br><br></p>



<h2 class="wp-block-heading">Het pilotproject</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De projectleider van VinylPlus® Med, Vincent Stone,
is best tevreden met het resultaat van het proefproject: "Over één jaar hebben we het equivalent van
35.000 gezichtsmaskers, of ongeveer 1 ton pvc, kunnen
inzamelen in 10 ziekenhuissites - 1 masker weegt
ongeveer 30 gram. Dit was een pilotproject waarvoor
elk ziekenhuis individueel moest worden gecontacteerd
en overtuigd om mee in te stappen. Dat heeft tijd en
energie gevergd. Maar we hebben toch vermeden dat
35.000 maskers werden verbrand. En dat is een mooi
resultaat."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zowel risicovol als risicoloos medisch afval wordt
meestal verbrand, met alle gevolgen voor milieu en
mens die met verbranding gepaard gaan. Het is wel zo
dat de kost voor het verwerken van risicovol afval groter
is dan die voor afval zonder risico, ook de CO2-voetafdruk van risicovol afval is 2 tot 3 maal groter dan van
risicoloos afval.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Alle producten voor eenmalig gebruik
hebben een grote impact op de CO2-voetafdruk van de
hele gezondheidssector (in Frankrijk geschat op 25%).
Het beheer van materiaal voor eenmalig gebruik is
dus essentieel om de CO2-voetafdruk zoveel mogelijk
te reduceren. Experten hebben berekend dat voor elke
ton gerecycleerd pvc-afval, de emissie van meer dan 3
ton CO2 wordt vermeden vergeleken met verbanding.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het voordeel voor het milieu van recyclage versus verbranding is dus evident", aldus nog Vincent Stone.
Daarenboven is de verbranding van pvc-afval schadelijker dan van andere kunststoffen, wegens de aanwezigheid van chloor in pvc. Het niet verbranden van pvc
wint bijgevolg nog aan belang.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Over één jaar hebben we het equivalent van 35.000
gezichtsmaskers, of ongeveer 1 ton pvc, kunnen inzamelen in 10 ziekenhuissites</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Het belang van triage</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In het ziekenhuis wordt risicovol afval al gescheiden van
risicoloos afval, het eerste gaat in de gele afvalbak, het
tweede in de zwarte. Recycleren is voorbehouden voor
risicoloos afval. Maar niet alle risicoloos afval bestaat uit
pvc. Dus moet het pvc-plastic worden gescheiden van
andere plastics en in speciaal daartoe voorziene afvalbakken worden gedeponeerd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een belangrijke voorwaarde om een goede recyclage
te kunnen uitvoeren, is dus een goede triage van het
pvc. "We hebben de ziekenhuizen geholpen bij de inventaris van alle pvc-producten die er werden gebruikt.
Meer dan 500 referenties werden in de verschillende
ziekenhuizen geïdentificeerd zodat voor het personeel
duidelijk is welk pvc in onze afvalbakken mag", legt de
projectleider uit.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hoewel ftalaten, gebruikt om het pvc
zachter en buigzamer te maken, in de meeste toepassingen in de ziekenhuizen vervangen werden door
alternatieven (want laagmoleculairgewichtftalaten zijn
schadelijk voor de gezondheid en het milieu), "hebben
we een scanner ontwikkeld die het verzamelde pvc kan
checken op de aanwezigheid van ftalaten. We stellen
alles in het werk om te vermijden dat pvc met ftalaten
zou worden gerecycleerd."</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Voor pvc-afval is recyclage de beste oplossing," gaat
Inge Dewitte van Denuo, de Belgische federatie van
de afval- en recyclagesector, verder, "omdat pvc een
materiaal is dat zich daar perfect toe leent: het kan 8
tot 10 keer gerecycleerd worden zonder echt kwaliteitsverlies. Bovendien bestaan alle medische producten in pvc die wij inzamelen, uit slechts één laag pvc wat
het recyclageproces vergemakkelijkt."</p>



<p class="wp-block-paragraph">De wetgeving
laat geen volledige circulariteit van kunststoffen toe:
plastics gebruikt voor medische hulpmiddelen mogen
niet bestaan uit gerecycleerd materiaal. Er blijven wel
heel wat andere mogelijkheden voor grondstofhergebruik over. De recyclage van het opgehaalde pvc in dit
project gebeurt in andere langetermijnziekenhuisapplicaties, bijv. wand- of vloerbekleding die veel in ziekenhuizen wordt gebruikt.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Maar dat geldt ook
voor ziekenhuismaterialen voor langdurig gebruik zoals
matrasbedekkingen, diagnostische en testmaterialen,
producten voor revalidatie, demonstratiepoppen …</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Drie partners</h2>



<p class="wp-block-paragraph">VinylPlus® Med is een project gebaseerd op samenwerking tussen verschillende partners: Renewi is de
afvalinzamelaar, Raff Plastics is het recyclagebedrijf
en VinylPlus® als vertegenwoordiger van de Europese
pvc-industrie, de coördinator.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De inzameling, het transport en de tussenopslag van
het pvc gebeurt door Renewi. Het levert de containers
waarin alle afvalzakken met het pvc-afval moeten
worden gedeponeerd. Dit afval wordt dan naar de
recycler gebracht.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Daar wordt het pvc-materiaal eerst
ontmanteld, zo worden bijv. de elastiekjes en metalen
plaatjes aan mondmaskers weggenomen, evenals
stukken harde plastic die geen pvc zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wat overblijft
wordt vermaald tot rauw materiaal dat volledig beantwoordt aan de Europese wetgeving. Raff Plastics is een
Europees Gecertificeerd Plastic Recyclagebedrijf dat
wil zeggen dat ze hun recyclage doen volgens bepaalde
hoogwaardige normen van kwaliteitscontrole en volgens
volledige traceerbaarheid van dit type afval. Ze moeten
ook een verwerker vinden die het recyclaat kan omzetten
in een ziekenhuistoepassing waarbij de kwaliteit van
het recyclaat moet voldoen aan de voorwaarden gesteld
door de verwerker", vervolgt Inge Dewitte.</p>



<p class="wp-block-paragraph">VinylPlus® coördineert het geheel en stelt aan
de ziekenhuizen alle materialen ter beschikking
nodig om een efficiënte inzameling mogelijk
te maken (bijv. afvalbakken, sorteerposters).
Het traint en coacht ook het ziekenhuispersoneel, sensibiliseert hen om het pvc apart in
te zamelen, communiceert uitgebreid over het
project via sociale media en gewone conventionele pers en last but not least financiert het
gehele project.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">PVC-producten voor eenmalig gebruik kunnen gemakkelijk worden gerecycled tot herbruikbare producten voor de lange termijn. Het verzamelen van PVC-producten na gebruik is de eenvoudigste stap; het scheiden van PVC van andere materialen is een arbeidsintensievere klus.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="https://www.renewi.com/">Secondary material plastic | Photo Renewi</a></p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="https://www.raffplastics.be/">“Unique to the RAFF Plastics range are our custom-colour granules. A specific shade of grey or a striking colour: thanks to our experienced processing processes and flexible production, we develop both standard colours and customised colours.” | Photo Raff Plastics</a></p>



<h2 class="wp-block-heading">In de praktijk</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Niet alleen in de algemene bevolking, ook in het ziekenhuis zijn mensen zich steeds meer
bewust van de ecologische impact van hun doen en laten.
We worden allemaal geconfronteerd met heel veel afval. Bij de selectieve afvalinzameling in een zorginstelling spelen tijdsbeperkingen een belangrijke rol.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Spoed is een grote
generator van pvc-afval maar
de aparte inzameling werkt er
minder goed omdat het personeel
er vaak onder tijdsdruk staat. Als
de tijdsdruk enorm hoog is, blijft
er weinig aandacht over voor
het sorteren. We proberen het
personeel te coachen en te informeren over wat we doen met het
recyclaat en hoe het de ecologische
voetafdruk van het ziekenhuis
naar beneden kan brengen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Maar
het is geen evidentie om iedereen
mee te krijgen om het consequent
te doen. Een opfrissing is soms
wel nodig. Het helpt als in het
ziekenhuis een persoon wordt
aangesteld die het project draagt
en de interne coördinatie op zich
neemt. Dat is ook gebeurd bij de
Europaziekenhuizen en vanaf dan
loopt het gesmeerd en heeft de
inzameling een vliegende vlucht
genomen", zegt Inge Dewitte.</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Soms blijkt een <strong>bijsturing</strong>
nodig. Evelyn Vass, operationeel
directeur van de Europaziekenhuizen: "In de beginfase werd te
veel gevergd van ons personeel
bij het sorteren. De verpleegkundigen moesten de delen die geen
pvc zijn, zelf van de zuurstofmaskers afknippen alvorens
ze in de speciale afvalbakken
te deponeren. Dat werd niet
aanvaard want zorg verlenen is
toch de hoofdbezigheid. Met de
coördinator werd afgesproken
om dit niet meer te laten doen
door ons personeel en het wordt
nu gedaan door de recycleur.
Dat heeft de participatie van het
personeel een boost gegeven."</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Wat ook een relatieve hinder
kan zijn, is <strong>waar wordt de extra
  afvalbak gezet</strong> in de operatiezaal,
want veel plaats is er niet meer
vrij. Ziekenhuizen beslissen zelf
over de soort afvalbak die ze
willen gebruiken (grote of kleine
versie) en als er weinig plaats
is, kunnen ze kiezen voor een
geplastificeerde doos die ook
herbuikbaar is. Luc Noé, hoofdverpleger, coördinator van het
operatiekwartier in de Europaziekenhuizen: "Bij ons staat de
pvc-afvalbak in de ontwaakzaal
waar de patiënt terechtkomt na
het verlaten van de operatiezaal
en waar het infuus meestal zal
vervangen worden."</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Herman Devriese, diensthoofd
Preventie en Milieu UZ Leuven:
"In UZ Gasthuisberg zijn we
bescheiden gestart met dit proefproject in een beperkt aantal
zalen, onder andere in het OK, in
het kader van ons Groen OKa. We
moeten goed afwegen hoe we het
inzamelen van pvc kunnen organiseren, waar en welke afvalrecipiënten er binnenkomen omdat we
ons hier toch in een  hygiënisch
kritische omgeving bevinden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarom werd een speciale houder gefabriceerd die aan de afvalkar kan worden vastgehecht. Idem aan de anesthesiekar mits een
kleine aanpassing van de houder zodat er geen extra houder moest worden bijgeplaatst en
de inzameling gemakkelijk kan gebeuren. We doen trouwens geen 100% scheiding van pvc-materialen maar wel een beperkt inzamelen. Zo worden toepassingen die in contact gekomen zijn met lichaamseigen vloeistoffen er niet in gedeponeerd terwijl pvc dat in contact was met onschadelijke vloeistoffen er wel in kunnen.
Verder hangt het ook af van het infectierisico van elke patiënt."</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/le-recyclage-du-pvc-dans-le-secteur-medical/">Le recyclage du PVC dans le secteur médical</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>« Le CHU UCL Namur veut être dans les 5% »</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/le-chu-ucl-namur-veut-etre-dans-les-5/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 15:48:14 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Environnement]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #17]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Pauline Modrie]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95322</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Pauline Modrie en Michelle Cooreman</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/le-chu-ucl-namur-veut-etre-dans-les-5/">« Le CHU UCL Namur veut être dans les 5% »</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Pauline Modrie<br></strong>Adviseur duurzame ontwikkeling CHU UCL Namen</p>
</div>
</div>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Verbonden aan de algemene directie van het CHU UCL Namur, werd Pauline Modrie, bio-ingenieur, aangeworven voor een nieuwe functie binnen de ziekenhuisgroep, namelijk die van "adviseur duurzame ontwikkeling". De wereld is volop in verandering geconfronteerd met de klimaatuitdagingen en de gezondheidszorgsector kan niet bij de pakken blijven zitten. Hoe kan deze functie het ziekenhuis helpen om de uitdagingen van zijn dagelijkse praktijk aan te gaan?</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">"De gezondheidszorgsector moet zich inzetten voor duurzame ontwikkeling om verschillende redenen", legt Pauline Modrie uit. Volgens de WHO zijn de klimaatveranderingen vandaag de grootste bedreiging voor de gezondheid van de mensheid. Onze infrastructuren zijn ook bijzonder kwetsbaar voor klimaatveranderingen (overstromingen, droogtes, enz.). Rekening houden met deze grote uitdaging in het ziekenhuis is dus in de eerste plaats een kwestie van risicobeheer.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een tweede reden heeft betrekking op ethiek. Kan de zorgpraktijk vandaag nog de druk op het milieu en de uitbuiting van hulpbronnen negeren die onvermijdelijk leiden tot de verslechtering van de levensomstandigheden van de meest kwetsbare patiënten die we door diezelfde geneeskunde proberen te verzorgen?</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ten slotte tonen bepaalde cijfers aan dat de gezondheidszorg in België tot 7,7% van de nationale CO2-voetafdruk vertegenwoordigt. Op wereldschaal is het gemiddelde 4,4%, wat niet verwaarloosbaar is. Bovendien oefent het ziekenhuis een voorbeeldrol uit in de samenleving, wat er gebeurt is daarom belangrijk voor maatschappelijke veranderingen. Over het algemeen wordt geschat dat voor een maatschappelijke verandering 5 tot 10% van de bevolking volstaat om het kantelpunt te vormen. Om al deze redenen is het belangrijk om aan duurzame ontwikkeling in het ziekenhuis te werken."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Het traject van Pauline Modrie</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De trigger voor het engagement van Pauline Modrie is de tentoonstelling "Leven of overleven: een stand van zaken van onze planeet" in het Museum voor Natuurwetenschappen van België toen ze 15 jaar was. "Ik was ontroerd door deze tentoonstelling en ik heb het boek met dezelfde naam gekocht, dat ik nog steeds heb. Daarna heb ik gekozen voor studies als bio-ingenieur. Tijdens deze studies worden de studenten sterk gesensibiliseerd voor de biosfeer, de aardwetenschappen, de hele relatie met de aarde, ook al leerde men in de studies landbouwingenieur – zoals ze toen werden genoemd – ook bepaalde landbouwpraktijken die niet noodzakelijk duurzaam zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">20 jaar geleden nam de dynamiek rond klimaatverandering een vlucht. Jean-Pascal Van Ypersele die ik als professor in de klimatologie had, sprak er ons al over. Ik heb mijn thesis aan de UCL gedaan over de overdracht van virulentiegenen tussen bacteriën, en een beetje gewerkt aan biopesticiden. Aangeworven bij GSK om te werken aan de aspecten van risicobeheer, had ik al zin om bepaalde projecten voor duurzame ontwikkeling te pushen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Aangekomen in het ziekenhuis, in 2016 in Ottignies, kreeg ik de kans om deel te nemen aan de installatie van een prototype voor zuivering van microverontreinigende stoffen, ontwikkeld door een thesisvriend. De zuiveringsinstallatie werd geïnstalleerd en bleek ultraefficiënt door tot 90% van de geneesmiddelenresiduen te elimineren. Er zijn communicaties over het onderwerp geweest, en het maakte veel opschudding, mensen waren geïnteresseerd en wilden het project steunen. Na een verhuizing naar de regio Namen kreeg ik de kans om het CHU UCL Namur te ontmoeten tijdens een kaderdag over duurzame ontwikkeling.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een functie van adviseur duurzame ontwikkeling werd vervolgens gecreëerd en ik had het geluk om gerekruteerd te worden. Het werk is super interessant. Er is dit aspect van samenwerking voorbij alle aspecten van ziekenhuismarketing of netwerkpolitiek dat ik leuk vind. Als je met mensen in duurzame ontwikkeling werkt, heb je echt samenwerking nodig en ik merk dat samenwerking hyperefficiënt is voor iedereen, inclusief voor degene die zijn werk deelt."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Eco-ontwerp van zorg</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Vier principes liggen ten grondslag aan de rol van de bio-ingenieur in het ziekenhuis om de gezochte duurzaamheid te verkrijgen: kapitaliseren op de uitdagingen en verworvenheden, goede praktijken versterken en projecten laten ontstaan, de handelingscapaciteit van medewerkers versterken, de interne en externe samenwerkingen, en proberen een impact op de samenleving te hebben.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het verhogen van de handelingscapaciteit van medewerkers is een belangrijk principe omdat wat het klimaat in de gezondheidszorg het meest beïnvloedt voornamelijk verband houdt met de beslissingen die de verantwoordelijken/verzorgers/inkopers zullen nemen met betrekking tot met name de geneesmiddelen, de medische hulpmiddelen, de levensduur van de apparatuur, enz.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Om aan dit hele deel te kunnen werken, moeten de mensen die zich hieraan op het terrein wijden eco-verantwoordelijke en alternatieve voorstellen kunnen doen indien mogelijk. Een voorbeeld: "In het operatiekwartier op de ziekenhuissite van Godinne werd het eco-ontwerp van de anesthesieprocedure aangepakt. Bij elke stap hebben de anesthesisten nagedacht over wat echt nuttig was, wat de mogelijkheden waren voor hergebruik of vervanging door minder vervuilende alternatieven en hoe het afval te herwaarderen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Soms maakt een literatuuronderzoek het eenvoudig mogelijk om bepaalde zaken te verwijderen, of het volstaat om anesthesiegassen te vervangen door gassen met een andere impact. Om deze aanpak te realiseren, is het onmisbaar om de verantwoordelijken in competenties te laten stijgen met betrekking tot wat we het eco-ontwerp van zorg noemen. Dit vereist opleidingen. We hebben een belangrijk opleidingsprogramma om al onze kaders te sensibiliseren voor duurzame ontwikkeling. Met dit doel hebben we een ideeënlaboratorium opgezet waar onze medewerkers rond het eco-ontwerp werken. Met een financiering van de Koning Boudewijnstichting werken we ook aan het ontwerp van een spel bestemd voor al het personeel om deze handelingscapaciteit te stimuleren."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Mensen beseffen niet altijd dat het niet volstaat om alleen afval te sorteren en minder papier te verbruiken om een belangrijke impact te hebben op de decarbonisatie van de zorg. Men moet het weten maar vooral eraan verhelpen. Dit methodologisch aspect vereist een persoon om de opleidingen te geven en samen te stellen, dit maakt deel uit van het werk van Pauline Modrie.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Volgens de WHO zijn de klimaatveranderingen vandaag de grootste bedreiging voor de gezondheid van de mensheid</h3>
</blockquote>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Samenwerkingen versterken</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Op het gebied van duurzame transformaties is samenwerking een kapitaal principe, zowel de samenwerkingen intern als met andere zorginstellingen. "In het CHU UCL Namur wisselen we enorm veel uit met de andere ziekenhuizen, en niet alleen wat betreft duurzame ontwikkeling maar op alle niveaus. Ik zeg me dat het niet omdat de anderen goed zijn dat ons werk minder goed zal zijn, integendeel. Het is voordelig voor iedereen, inclusief voor mij, en deze uitwisselingen laten onze goede praktijken echt razendsnel vooruitgaan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">We werken ook samen met verenigingen, bijvoorbeeld met Health Care without Harm (cf. vorig nummer van het magazine), we delen casestudies, we hebben toegang tot videoconferenties, enz. We werken ook samen met UNESSA, onze ziekenhuisfederatie, om het delen van goede praktijken te maximaliseren en met de FOD Volksgezondheid voor enquêtes over circulariteit, aankopen... We hebben ook de plicht om input te geven zodat op het niveau van de overheden de genomen beslissingen in de goede richting gaan. Ik beheer het hele collaboratieve aspect in mijn werk."</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">We zijn te ver gegaan, te snel door over te gaan op alles wegwerpbaar, zonder rekening te houden met de planetaire grenzen</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Een impact op de samenleving hebben</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Om deze rol van sneeuwbaleffect en kanteleffect in de samenleving met betrekking tot de te adopteren veranderingen te versterken, worden twee benaderingen bevoorrecht:</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><strong>Bewustmakingsconferenties over het onderwerp organiseren </strong></li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">Bijvoorbeeld, op 13 juni organiseerde het CHU UCL Namur op de site van Godinne de eerste "Bijeenkomst van de duurzame transformatie van zorginstellingen", in samenwerking met de gezondheidsgroep van de Shifters* België.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Er waren topconferenties over de link klimaat-gezondheid, met Emmanuel André, een conferentie over de systemische benadering van duurzame transformatie in ziekenhuizen, praktische workshops over hoe je CO2-voetafdruk te berekenen, over de pedagogie van de transitie, over de klimaatfresco, over alle interacties rond klimaatverandering, gevolgd door korte presentaties over het eco-ontwerp van zorg en ten slotte een rondetafelgesprek. Dit soort evenement is belangrijk in termen van bewustmaking.</p>



<ul class="wp-block-list">
<li><strong>Onderzoek rond thema's verbonden aan duurzame ontwikkeling stimuleren</strong></li>
</ul>



<p class="wp-block-paragraph">"Als universitair ziekenhuis maakt onderzoek initiëren deel uit van onze missie. We hebben besloten om ons voorlopig te focussen op microverontreinigende stoffen. Na het innemen van een geneesmiddel komt 70% terecht in het afvalwater. Het ziekenhuis is niet het enige probleem, maar het is een plaats waar veel moleculen worden geconsumeerd en waar men de effecten kan illustreren stroomopwaarts – hoe de evacuatie van al deze geneesmiddelen die via de urine, de reiniging, enz. zullen worden uitgescheiden, te verminderen – en stroomafwaarts – de hele problematiek van de zuivering van afvalwater onder andere. We hebben een lopend onderzoeksproject over de karakterisering van onze afvalwater; een ander project start met een geneeskundestudent die zijn eindwerk wijdt aan "hoe in de keuze van onze geneesmiddelen de aspecten van persistentie – toxiciteit – en bioaccumulatie in onze omgeving te integreren.""</p>



<p class="wp-block-paragraph">*The Shift Project is een denktank in Frankrijk die rapporten en transformatieplannen van de Franse economie heeft opgesteld. Voor alle essentiële sectoren van de samenleving – ook voor de gezondheidszorg – hebben ze het te adopteren plan bepaald om ze te decarboniseren, met name door te werken aan elk van de delen met concrete acties.</p>



<h2 class="wp-block-heading">De uitdagingen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Door aan deze vier aspecten te werken, is het doel om aan twee hoofduitdagingen te beantwoorden: (1) de decarbonisatie van de gezondheidszorg om onze CO2-uitstoot te beperken maar ook onze afhankelijkheid van fossiele energiebronnen te mitigeren/verminderen, wetende dat we binnenkort niet meer zullen kunnen kapitaliseren op een koolstofenergie en (2) de erosie van de biodiversiteit en onze vervuiling vermijden, wat gedeeltelijk verband houdt met geneesmiddelenresiduen in het afvalwater maar ook met aanleggen die de biodiversiteit bevorderen. Op de Journées d'Architecture en Santé (JAS) heeft Pauline Modrie een biodiversiteitsproject gepresenteerd dat werd gerealiseerd op de ziekenhuissite van Sainte-Élisabeth, uitdrukkelijk gekozen omdat het zeer verstedelijkt is (cf. kader).</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Het is niet de missie van het ziekenhuis om insectenhotels en bijenkorven te installeren, het is veel fundamenteler: bevoorrechte plaatsen creëren voor bewustmaking van de links gezondheid-milieu, van onze relatie met de natuur. Als we over duurzame ontwikkeling spreken, kunnen we in de technische laag blijven en denken dat door te decarboniseren alles goed zal komen. Maar het werkt niet zo.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Men moet zich afvragen welk maatschappijmodel men wil en welke relatie met de natuur men wenst. Men moet bijna ook een filosofische benadering in dit alles integreren en dat is een beetje mijn rol in het ziekenhuis door te werken aan de vier genoemde aspecten: kapitaliseren op de uitdagingen en verworvenheden, goede praktijken versterken en projecten laten ontstaan, de handelingscapaciteit van medewerkers en de samenwerkingen versterken, en een impact op de samenleving hebben, met name met de onderzoeksvraag. Mijn rol is ook om financieringen te zoeken voor projecten en ik stel regelmatig een kadaster op van alle projectoproepen. In 3 maanden heb ik 94.000 euro budget verkregen om onze projecten te realiseren. Er is een manier om een deugdzame dynamiek rond duurzame ontwikkeling te creëren."</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">We hebben een belangrijk opleidingsprogramma om al onze kaders te sensibiliseren voor duurzame ontwikkeling</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Cascade-effecten</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Zonder het dogma groei-degroei tegen te stellen door de therapeutische en diagnostische vooruitgang van de laatste jaren vs duurzame ontwikkeling te vermelden, is het verstandiger om te spreken over het versterken van circulariteit en een beter gebruik van hulpbronnen, altijd in het belang van de patiënt met als doel de kwaliteit en veiligheid van de zorg. Bijvoorbeeld, de dynamiek van het deprescriberen van geneesmiddelen in het belang van de patiënt is ook zeer belangrijk, op het niveau van zijn milieuimpact en de kwaliteit van de zorg. Want het zijn vooral de geneesmiddelen die de CO2-balans zullen beïnvloeden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Moet men dan teruggaan wat betreft wegwerpmateriaal?</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Ja, inderdaad, men moet het niet verbergen, ik noem het de initiatieven 'terug naar de toekomst'. We zijn te ver gegaan, te snel door over te gaan op alles wegwerpbaar, zonder rekening te houden met de planetaire grenzen. Vandaag zeggen we stop en we beseffen dat we het vroeger niet zo slecht deden. Bovendien is het waar dat we naar alles wegwerpbaar zijn overgestapt voornamelijk om een prijskwestie en niet noodzakelijk om een kwaliteitskwestie. Maar het is niet omdat we in het herbruikbare zitten dat we niet in de kwaliteit zitten. Als men een eco-ontwerpthematiek aanpakt, nemen de mensen het vaak vanuit de hoek van het afval, dat eigenlijk slechts een klein deel van de impact vertegenwoordigt. Daarentegen is het interessant om aan het afval te werken omdat dit het mogelijk maakt (1) bewust te worden van wat men verbruikt, (2) vervolgens de mogelijkheid te onderzoeken om het gekochte ding te vervangen door een duurzamer ding, (3) of het te hergebruiken en (4) ten slotte het misschien volledig te verwijderen, door telkens in impact te stijgen."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een functie in elk ziekenhuis?</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">"Om tot een grote maatschappelijke verandering te komen, moet ongeveer 5% van de bevolking de verandering adopteren en erover spreken. Het CHU UCL Namur wil in die 5% zitten, voor ons ziekenhuis en voor de samenleving." | Pauline Modrie</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Pauline Modrie pleit voor de aanwerving van een adviseur duurzame ontwikkeling in elk ziekenhuis. Er is een persoon nodig die op strategische wijze stuurt om het sneeuwbaleffect te verkrijgen. "Het feit dat ik rapporteer aan de algemene directie geeft me echt een hefboom voor actie die interessant wordt. Men moet het cap van de strategie behouden ook al ben ik zeer voorstander van het resultaat en van kleine dingen verbeteren die het mogelijk maken om vooruit te gaan."</p>



<p class="wp-block-paragraph">De uiteindelijke doelstelling moet een cultuurverandering en een stijging in competenties zijn. De wereld verandert van tijdperk en mensen hebben zin om te handelen. Alle aspecten – opleiding, samenwerking, onderzoek – helpen om zich aan te passen. Zakia Khattabi, de federale minister van Klimaat, Leefmilieu, Duurzame Ontwikkeling en de Green Deal, heeft zich tijdens de COP 26 geëngageerd om tegen 2050 koolstofneutraliteit te bereiken. Dat is de doelstelling die we allemaal hebben op het niveau van decarbonisatie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Echter, men moet niet alleen werken aan decarbonisatie, er is de biodiversiteit, de chemische verontreinigende stoffen, die voor mij even belangrijk zijn en die men niet mag vergeten. Het mag niet dat onze beleidsmakers alleen het koolstofaspect zien omdat we niet kunnen blijven doorgaan met massaal het water te vervuilen gedurende jaren zonder andere zorgen te genereren, met name op het niveau van de gezondheid. Koolstofneutraliteit bereiken hangt niet alleen af van het ziekenhuis, de farmaceutische bedrijven moeten ook al hun processen decarboniseren, de overheid moet ons begeleiden."</p>



<p class="wp-block-paragraph">"In het begin frustreerde het me enorm dat niet iedereen ermee aan de slag ging. Nu weet ik dat om tot een grote maatschappelijke verandering te komen, ongeveer 5% van de bevolking de verandering moet adopteren en erover moet spreken. Het CHU UCL Namur wil in die 5% zitten, voor ons ziekenhuis en voor de samenleving."</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/le-chu-ucl-namur-veut-etre-dans-les-5/">« Le CHU UCL Namur veut être dans les 5% »</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Vers une gouvernance plus active</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/vers-une-gouvernance-plus-active/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 15:04:26 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #16]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Réseau]]></category>
		<category><![CDATA[Serge Hubert]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95254</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman en Serge Hubert</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/vers-une-gouvernance-plus-active/">Vers une gouvernance plus active</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Serge Hubert<br></strong>Coördinator van het netwerk RHN vzw</p>
</div>
</div>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Het Naamse ziekenhuisnetwerk (RHN) heeft zijn erkenning gekregen op 1 januari 2020. Vanaf het begin was de wil om een actievere governance op te zetten. Met dit doel werd Serge Hubert aangeworven als netwerkcoördinator, een functie die nieuw werd gecreëerd in 2021. Wat is precies zijn rol? En hoe hoopt hij deze actieve netwerkgovernance in de nabije en verre toekomst te realiseren?</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">De meeste netwerken zijn bij wet van 2019 opgericht als vzw. Zoals het geval is voor het RHN dat de 6 erkenningen van de 6 ziekenhuizen van de regio Namen groepeert (cf. kader). De netwerkcoördinator moet zich bezighouden met het dagelijks beheer van de vzw.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"De beschrijving van mijn werk is zeer duidelijk: de voorwaarden creëren voor opbouw en samenwerking tussen de 6 ziekenhuizen in het netwerk. Ik maak deel uit van de raad van bestuur van het netwerk en het bureau van het netwerk met als opdracht om om de 15 dagen tot elke maand een vergadering samen te brengen en te dynamiseren met de algemene directeurs en de medische directeurs. Ik roep ook, 1 tot 2 keer per jaar, een netwerkoverlegcomité samen bestaande uit de voorzitters van de medische raden, de geneesheren-hoofden en het bureau van de raad van bestuur van het netwerk."</p>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<figure class="wp-block-image size-full"><img fetchpriority="high" decoding="async" width="800" height="620" src="https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/salle_hybride_2.webp" alt="" class="wp-image-95256" srcset="https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/salle_hybride_2.webp 800w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/salle_hybride_2-300x233.webp 300w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/salle_hybride_2-768x595.webp 768w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/salle_hybride_2-15x12.webp 15w" sizes="(max-width: 800px) 100vw, 800px" /></figure>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Laten we niet te ambitieus zijn vanaf het begin, netwerken zijn complex. Mijn rol is om dit alles te dynamiseren. Binnen de vzw heb ik de autonomie van werking en ik rapporteer aan de raad van bestuur van het netwerk. Ik denk dat de relatief dynamische netwerkgovernance, zoals meteen vrijwillig georganiseerd in Namen, een beetje uniek is.<br><br></h3>
</blockquote>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">Strategisch plan</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Bovendien – en veel belangrijker volgens hem – heeft hij aan de raad van bestuur de uitwerking van een strategisch plan voor het netwerk voorgesteld. Vandaag is dit plan in voorbereiding door de organisatie van een strategisch oriëntatieseminarie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Laten we niet te ambitieus zijn vanaf het begin, netwerken zijn complex. Mijn rol is om dit alles te dynamiseren. Binnen de vzw heb ik de autonomie van werking en ik rapporteer aan de raad van bestuur van het netwerk. Ik denk dat deze relatief dynamische netwerkgovernance, zoals meteen vrijwillig georganiseerd in Namen, een beetje uniek is. Niet alle netwerken gebruiken de mogelijkheid van deze netwerkgovernance, boven de governance van elk deelnemend ziekenhuis."</p>



<p class="wp-block-paragraph">De functie van netwerkcoördinator is nieuw voor de ziekenhuiswereld, maar niet voor Serge Hubert die tijdens zijn hele carrière gespecialiseerd is in "corporate governance, people governance, merger and acquisitions", eerst als partner bij Deloitte en KPMG, met vervolgens een ervaring in het medische ziekenhuismilieu gedurende bijna 10 jaar (directiecomité van het CHR van Luik en human resources bij het UZ van Luik).</p>



<h2 class="wp-block-heading">De uitdaging</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Wanneer we over governance spreken, zijn ziekenhuizen de meest complexe structuren in het gezondheidslandschap, met zowel complexe juridische teksten die permanent evolueren, veel verschillende beroepen die samen moeten werken, een continue werking met bevoorradingsketens (supply chain) menselijk, medisch en logistiek zonder ophouden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Ik heb de functie aanvaard omdat het een complexe uitdaging was: de 24 netwerken bouwen zich zeer geleidelijk op en elk netwerk heeft een iets ander kostuum. Neem het voorbeeld van Antwerpen, met de fusie van het ZNA en het GZA (cf. vorig nummer van hospitals.be), waar het leiderschap sterk is met een visie en een plan, rationeel toegepast, en een relatief sterke teamgeest.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De partnerschapscultuur in de ziekenhuizen is zeer belangrijk en een van mijn taken bestaat er trouwens in om erin te slagen geleidelijk een partnerschapscultuur te ontwikkelen, maar dat neemt tijd. Het principe is niet nieuw: in de industrie spreekt men al sinds 20 jaar over samenwerking. In het ziekenhuismilieu ontmoeten we vandaag eerder moeilijkheden: de nieuwe wet van 28 februari 2019, gepubliceerd op 28 maart 2019, betreffende de klinische netwerking tussen ziekenhuizen, komt bovenop de ziekenhuiswet van 2008.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Maar de 2 wetten spreken niet noodzakelijk goed met elkaar en zijn soms zelfs tegenstrijdig. Hierdoor bevindt het ziekenhuismilieu zich met een governance op twee niveaus. Men moet ze laten samenleven. Hier in het RHN voelen we dit zeer sterk. In de raad van bestuur van het netwerk zijn er vertegenwoordigers van de raden van bestuur van de 6 ziekenhuizen die lid zijn van het netwerk.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Er zijn ook, parallel, de raden van bestuur van de ziekenhuizen. Maar het zijn twee verschillende functioneringsniveaus en vaak kan wat de wet van 2008 oplegt niet worden gewijzigd, zelfs als de wet van 2019 het vraagt. Maar ik vind het fascinerend om in dit domein te werken."</p>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<figure class="wp-block-image size-full"><img decoding="async" width="800" height="507" src="https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/espace_sante_4_0.webp" alt="" class="wp-image-95258" srcset="https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/espace_sante_4_0.webp 800w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/espace_sante_4_0-300x190.webp 300w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/espace_sante_4_0-768x487.webp 768w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/espace_sante_4_0-18x12.webp 18w" sizes="(max-width: 800px) 100vw, 800px" /></figure>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">De bijzonderheid van het Naamse netwerk (zoals Vivalia) – en dit is uniek in Wallonië – is dat het netwerk met de 6 ziekenhuizen het geheel van een provincie van meer of minder 500.000 inwoners dekt.</h3>



<h3 class="wp-block-heading">De uitdaging voor de netwerken zal zijn om een evenwichtige modus operandi te vinden, met andere woorden, tot een evenwichtige onderhandeling te komen, en dan zullen de leiderschapscapaciteiten van het netwerk om een consensus te vinden in het spel komen.</h3>
</blockquote>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">De organisatie van supraregionale zorg</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De bijzonderheid van het Naamse netwerk (zoals Vivalia) – en dit is uniek in Wallonië – is dat het netwerk met de 6 ziekenhuizen het geheel van een provincie van meer of minder 500.000 inwoners dekt. Zoals andere netwerken omvat het RHN openbare ziekenhuizen en privéziekenhuizen – maar de wet heeft deze samenwerking al lang geregeld.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens Serge Hubert zou de moeilijkheid kunnen komen van het feit dat de ziekenhuizen van het RHN min of meer allemaal dezelfde grootte hebben en historisch dezelfde loco-regionale specialiteiten, met ongeveer hetzelfde aantal bedden (200-350), terwijl het feit om een universitair ziekenhuis in het netwerk te hebben een troef kan zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"De moeilijkheid in de toepassing van de wet van 2019 zal niet zozeer komen van de grootte van het ziekenhuis maar van de manier waarop de wet ons zal opleggen te functioneren. Het KB van 21 juli 2022 betreffende de stroke unit (S2) geeft 3 jaar om aan alle criteria van de erkenning te voldoen. We weten ook dat voor bepaalde loco-regionale zorg de wet ons vraagt om ons op een rationele en complementaire manier te organiseren. Maar ze zegt niet meer.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De uitdaging voor de netwerken zal dus zijn om een evenwichtige modus operandi te vinden, met andere woorden, tot een evenwichtige onderhandeling te komen, en dan zullen de leiderschapscapaciteiten van het netwerk om een consensus te vinden in het spel komen."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het KB van 21 juli 2022 preciseert ook dat men daarenboven de nabijheid moet respecteren: 90% van de populatie van potentiële patiënten moet in zorgopdracht binnen de 30 minuten kunnen worden bediend. Dit vereist de uitwerking van een overleg en efficiënt medisch netwerkplan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Voor zover ik weet, mogen er op dit moment niet veel gefinaliseerde medische netwerkplannen zijn, daarentegen, strategische toenadering plannen ja, en het delen dat ik met de andere netwerken heb, doet me begrijpen dat de medische wereld op zich vaak veel sneller is om oplossingen voor te stellen dan de managementwereld omdat de logica's verschillend zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De moeilijkheid van een ziekenhuisbeheerder is om erin te slagen de hele vergelijking in evenwicht te brengen (het medische en het budgettaire), terwijl het medische eerst zal denken aan de rationaliteit van het aanbod aan patiënten en het voordeel voor patiënten. Het management heeft ditzelfde doel uiteraard, maar het heeft de bijkomende beperking dat, uiteindelijk, het ziekenhuis financieel moet overleven. En dat geldt voor 1 ziekenhuis, maar in ons netwerk zijn er 6, wat de uitdaging met 6 vermenigvuldigt!"</p>



<p class="wp-block-paragraph">Logischerwijs bereidt Serge Hubert daarom een strategisch oriëntatieseminarie voor met de verschillende algemene directeurs. Het doel is om de grote assen van een strategisch netwerkplan te bepalen, de oriëntaties die zich aan het RHN aanbieden. Om dit te doen, is het belangrijkste de analyse van wat er vandaag bestaat: welk type netwerk zijn we? welke zijn de transversale activiteiten die goed werken? welk netwerkprofiel willen we hebben?</p>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<figure class="wp-block-image size-full"><img decoding="async" width="800" height="536" src="https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/urn7-128.webp" alt="" class="wp-image-95261" srcset="https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/urn7-128.webp 800w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/urn7-128-300x201.webp 300w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/urn7-128-768x515.webp 768w, https://hospitals.be/wp-content/uploads/2025/12/urn7-128-18x12.webp 18w" sizes="(max-width: 800px) 100vw, 800px" /></figure>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">De moeilijkheid van een ziekenhuisbeheerder is om erin te slagen het medische en het budgettaire in evenwicht te brengen.</h3>



<h3 class="wp-block-heading">Het KB van 21 juli 2022 preciseert ook dat men daarenboven de nabijheid moet respecteren: 90% van de populatie van potentiële patiënten moet in zorgopdracht binnen de 30 minuten kunnen worden bediend. Dit vereist de uitwerking van een overleg en efficiënt medisch netwerkplan.</h3>
</blockquote>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">Naar een gezondheidsecosysteem</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De hervorming van de financiering van ziekenhuizen (gepland voor 2025-2028) zal een correct gebruik van hulpbronnen en een rechtvaardiging van kosten opleggen. Het KB van 21 juli 2022 stelt een geheel van beperkingen vast. Bijgevolg zal niet iedereen meer alles kunnen doen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Voor loco-regionale zorg zal een 'hospital agreement' volstaan en voor het supraregionale zal een 'legal agreement' nodig zijn. Bijvoorbeeld, de hartchirurgie (B3) of de zeldzame kankers 'hoofd-hals' en 'eierstokken' zullen een uitdaging zijn voor iedereen. De verantwoordelijkheid van de coördinatie van het netwerk is om de mensen te begeleiden in een grote governancereflectie, hen in een dynamiek te zetten, een partnerschapscultuur van een nieuwe governance, wetende dat elke baas – bij de wet van 2008 – altijd baas is bij hem thuis. Niets kan hem worden opgelegd, het federale en regionale niveau zijn de enigen die kunnen opleggen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De inzet is de kwaliteit van de gezondheidszorg voor de bevolking omdat het ziekenhuisnetwerk het gezondheidsnetwerk wordt: de ziekenhuizen openen zich en de uitdagingen van morgen zijn thuishospitalisatie, een betere relatie met de eerste lijn en de rusthuizen... naar een gezondheidsecosysteem. Dat is de grote uitdaging van de netwerken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De wet van 2019 omvat de psychiatrische ziekenhuizen niet. "We hebben echter projecten en relaties met de psychiatrische ziekenhuizen. De geestelijke gezondheid, in de nasleep van de COVID-crisis, is zeer belangrijk en niet alleen in de ziekenhuizen, maar vooral in het gezondheidsecosysteem."</p>



<p class="wp-block-paragraph">De wet laat netwerken toe om met elkaar samen te werken, wat belangrijk is voor de patiënt. Als een netwerk niet het referentiecentrum is voor een pathologie, maar het buurnetwerk wel, kunnen samenwerkingen en samenwerkingsovereenkomsten (met patiëntentraject) worden vastgelegd. Bijvoorbeeld voor de zorg aan zwaar brandgewonden.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Het RHN in cijfers</h2>



<div class="wp-block-group is-layout-grid wp-container-core-group-is-layout-f54b6ace wp-block-group-is-layout-grid">
<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h2 class="wp-block-heading has-text-align-center">2k</h2>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph">1.938 erkende bedden, waarvan 300 universitaire bedden</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h2 class="wp-block-heading has-text-align-center">8k</h2>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph">8.592 medewerkers</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h2 class="wp-block-heading has-text-align-center">83k</h2>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph">83.330 opnames in klassieke hospitalisatie</p>
</div>
</div>



<div class="wp-block-columns wp-container-content-c1c21029 is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h2 class="wp-block-heading has-text-align-center">42k</h2>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph">42.447 opnames in chirurgische daghospitalisatie</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h2 class="wp-block-heading has-text-align-center">1M</h2>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph">990.631 medische consultaties</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h2 class="wp-block-heading has-text-align-center"></h2>



<p class="has-text-align-center wp-block-paragraph"></p>
</div>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">De ziekenhuissites van het RHN</h2>



<div class="wp-block-group is-layout-grid wp-container-core-group-is-layout-5a23bf8e wp-block-group-is-layout-grid">
<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">De Kliniek Sint-Luc in Bouge</h3>
</div>
</div>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Het CHU UCL Namur</h3>



<p class="wp-block-paragraph">met drie sites: Dinant, Sainte-Élisabeth (Namen) en Godinne (Yvoir)</p>
</div>
</div>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">het CHR Sambre &amp; Meuse</h3>



<p class="wp-block-paragraph">met twee sites: Meuse (Namen) en Sambre (Sambreville)</p>
</div>
</div>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Het Foyer Saint-François in Namen</h3>



<p class="wp-block-paragraph">niet-medische medewerkers</p>
</div>
</div>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">8 polyklinieken en medische centra</h3>



<p class="wp-block-paragraph">Andenne, Auvelais, Ciney, Erpent, Gembloux, Givet, Namen en Perwez</p>
</div>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">Een nieuwe governancecode</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In de wet van 2019 is duidelijk vastgelegd dat de beheerautonomie in de ziekenhuizen blijft. Echter – een ander voorbeeld van paradox – om erkend te worden moet een ziekenhuis alleen een apotheek hebben, de nieuwe netwerkwet zegt dat, als men zich in netwerk zet, men zou moeten rationaliseren, maar men kan geen apotheek sluiten op het risico zijn erkenning te verliezen (wet van 2008). Dit wil niet zeggen dat de apotheken niet kunnen samenwerken...</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Ik denk dat er echt een reflectie moet worden georganiseerd tussen alle netwerken over deze governance met twee hoofden omdat er een nieuw model moet worden gedefinieerd. Vandaag ontbreekt ons een governancecode voor ziekenhuisnetwerken want de gezondheidsgovernance, de logistieke governance en de menselijke governance vormen een uitgebreid geheel. En nog is het RHN een gemiddeld netwerk onder de netwerken – 9.000 personen -, het probleem is noodzakelijk meer uitgesproken voor de grote netwerken."</p>



<p class="wp-block-paragraph">"In België is er een belangrijk probleem van personeelsbestand en personeelsbeheer. Een oplossing toegepast in de nieuwe governancemodellen – en dat is volkomen mogelijk, zelfs gunstig, in de ziekenhuismilieus – is de professionele mobiliteit, bijvoorbeeld van niet-medische logistieke beroepen. Een strategisch plan op 10 jaar zou bijvoorbeeld de professionele transformatie van het surplus aan elektriciens kunnen plannen om het tekort aan magazijniers binnen 5 jaar op te vullen."</p>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow"></div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Een reflectie betreffende de efficiëntie van een stadszorgaanbod en de efficiëntie van een nabijheidszorgaanbod op provinciale schaal moet worden gevoerd.</h3>



<h3 class="wp-block-heading">Als een netwerk niet het referentiecentrum is voor een pathologie, maar het buurnetwerk wel, kunnen samenwerkingen en samenwerkingsovereenkomsten (met patiëntentraject) worden vastgelegd. Bijvoorbeeld voor de zorg aan zwaar brandgewonden.</h3>
</blockquote>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">De eerste successen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Een andere reflectie die moet worden gevoerd betreft de efficiëntie van een stadszorgaanbod en de efficiëntie van een nabijheidszorgaanbod op provinciale schaal. Een van de eerste successen van het RHN is een overeenkomst voor een Naams hematologisch netwerk ten voordele van de patiënt. Ze bepaalt hematologische consultaties in alle ziekenhuizen, daghospitalisaties in bepaalde ziekenhuizen en acute hospitalisaties in een gespecialiseerd ziekenhuis.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het aanbod van de hematologie in Namen werd dus gerationaliseerd. Deze nieuwe overeenkomst werd zojuist getekend op niveau van het netwerk en moet nu in de praktijk worden geïmplementeerd. "Het was, enerzijds, logisch om te realiseren en, anderzijds, een opportuniteit op medisch niveau, aangezien het gezond verstand al functioneerde, en het netwerk is de praktijk komen formaliseren.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Hetzelfde zou moeten kunnen in het kader van de geriatrie. Echter, voor alles wat de supraregionale zorg betreft, zullen er keuzes te maken zijn en beslissingen zullen zich opdringen. Alles zal een kwestie van evenwicht zijn: het medisch plan van een netwerk is een evenwicht, elk ziekenhuis heeft specialiteiten, sterke punten en, historisch, specialisten die zich hebben geconcentreerd."</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="http://www.chuuclnamur.be/" target="_blank" rel="noreferrer noopener nofollow"><br>CHU-UCL Namur</a><a href="https://hospitals.be/nl/fmagazine-38/"></a></p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/vers-une-gouvernance-plus-active/">Vers une gouvernance plus active</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Le développement durable à la conquête des hôpitaux</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/le-developpement-durable-a-la-conquete-des-hopitaux/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 14:33:48 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Environnement]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #16]]></category>
		<category><![CDATA[Maï Shafei]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95246</guid>

					<description><![CDATA[<p>Ecrit par Michelle Cooreman et<br />
Maï Shafei</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/le-developpement-durable-a-la-conquete-des-hopitaux/">Le développement durable à la conquête des hôpitaux</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<h2 class="wp-block-heading">Greening the Brussels healthcare sector</h2>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Maï Shafei<br></strong>Coördinator Greening the Brussels Healthcare</p>
</div>
</div>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">De gezondheidszorgsector kan niet bij de pakken blijven zitten op het gebied van duurzame ontwikkeling. De impact van ziekenhuizen op het milieu wordt nog vaak onderschat. In Europa wordt hun economisch gewicht geschat op 10% van het BBP. Bovendien zijn ze verantwoordelijk voor 5,5% van de broeikasgasemissies op Europees niveau. De sector heeft andere prioriteiten – uitermate valabel – maar duurzame ontwikkeling verdient een reflectie. Zes Brusselse ziekenhuizen hebben zich geëngageerd om te investeren in de klimaattransitie en in de circulaire economie via het project Greening the Brussels Healthcare Sector.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Maï Shafei, geïnteresseerd door de link duurzame
ontwikkeling en gezondheid, werkt in Brussel
voor de organisatie Health Care Without Harm
(HCWH) Europe. "Onze strategische lijn voor
duurzame ontwikkeling focust op verschillende
thema's – Circular Healthcare, Climat-Smart
Healthcare en Safer Pharma – altijd in verband
met gezondheidszorg. Onze leden zijn ziekenhuizen of organisaties die gezondheidszorg aanbieden in de verschillende landen."</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">In het kader van circulaire gezondheidszorg en plastics zouden we graag een marktanalyse uitvoeren op zoek naar producten die bepaalde wegwerpproducten of bepaalde plastics met hoge concentratie hormoonontregelaars vervangen.</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Een eerste project</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Projectaanvragen, op lokaal, regionaal of Europees niveau, kunnen afkomstig zijn van andere partners, andere NGO's, universiteiten of ziekenhuizen. In België werd in maart 2022 een eerste project gelanceerd met 6 Brusselse ziekenhuizen: het CHU Brugmann, het CHU Saint-Pierre, de Cliniques de l'Europe, de Cliniques universitaires Saint-Luc, het Hôpital universitaire de Bruxelles en het CHIREC. Het project Greening the Brussels Healthcare Sector liep van 1 maart 2022 tot 28 februari 2023, einde van de eerste fase.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Om een project te financieren zoekt HCWH Europe subsidies of donaties. In dit geval heeft de COCOM het project gedurende 1 jaar gefinancierd en werd een aanvraag ingediend voor verlenging van het project om in een tweede fase over te gaan.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Voor dit project hebben we rond 2 pijlers gewerkt: (1) opleiding, bewustmaking, educatie, en (2) piloot project/actie. Ik heb in de loop van het jaar 3 opleidingen gegeven met collega's over circular healthcare, dat wil zeggen 'integratie van het circulaire economiemodel in de gezondheidszorg, met een as eerder gericht op de vermindering van plastic, afval en toxische chemische producten (met name hormoonontregelaars). Er was 1 sessie in aanwezigheid in de Clinique de l'Europe in juni en 2 online sessies (webinar) voor het medisch personeel en de verpleegkundigen over hetzelfde thema aangepast aan het medisch domein."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Getuigenis van een ziekenhuis dat deelneemt aan het project</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Dit initiatief heeft het mogelijk gemaakt om Brusselse collega's te ontmoeten die aan dezelfde thema's werken en met dezelfde moeilijkheden worden geconfronteerd. Binnen de groep wisselen we praktische tips uit maar ook de successen van elke instelling zodat ze elders kunnen worden gerepliceerd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Elk lid neemt deel aan de vergaderingen in een collaboratieve geest, maar dat volstaat niet... We hebben een gebrek aan financiële ondersteuning om op grote schaal tot actie over te gaan op onze sites! Momenteel is er geen subsidie, projectoproepen of investeringshulp gemakkelijk toegankelijk voor onze ziekenhuizen op het gebied van duurzame ontwikkeling. De Brusselse ziekenhuizen zijn echter klaar om vooruit te gaan!</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Marie Loriaux<br></strong>Transversal Projet Manager, Cliniques de l’Europe</p>



<p class="wp-block-paragraph"></p>



<p class="wp-block-paragraph">Maï Shafei houdt zich voornamelijk bezig met de praktische organisatie van de opleidingen. Voor de technische aspecten doet HCWH Europe een beroep op externe sprekers. "We hebben een reeks contacten in andere organisaties, in de universitaire, praktische, medische domeinen of nog in andere ziekenhuizen waarmee we al hebben gewerkt en die voorbeelden van realisaties aanbrengen. Bijvoorbeeld, een ziekenhuis in Angoulême in Frankrijk is komen getuigen van zijn ervaring met herbruikbare luiers. Anderzijds heeft de organisatie een methodologie ontwikkeld, een tool zodat het ziekenhuis zijn koolstofbalans kan evalueren, en een model van koolstofbeheerplan.</p>



<p class="wp-block-paragraph translation-block">Aangezien het intern is ontwikkeld, kan ik het presenteren tijdens een sessie over het klimaat, met eventueel andere sprekers om aanvullende informatie te geven of voorbeelden van wat bij hen werd geïmplementeerd. Om de goede praktijken in ons ledennetwerk te verspreiden, hebben we naast de publieke site <a href="https://noharm-europe.org/" target="_blank" rel="noreferrer noopener nofollow">No Harm Europe</a>, een site online gezet die alleen toegankelijk is voor leden (GGHH, Global Green and Healthy Hospitals met verschillende bronnen (bijvoorbeeld het model koolstofbeheerplan) en casestudy-fiches op wereldniveau."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Laten we tot actie overgaan</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De actie van dit project bestond erin om de 6 deelnemende Brusselse ziekenhuizen op een reflectietraject te brengen met betrekking tot de manier waarop duurzame ontwikkeling in hun instelling kan worden geïmplementeerd. Velen hadden reeds een team van eco-verantwoordelijken geïnstalleerd die goed basiswerk verrichtten. "Ze waren daarom niet op punt nul toen we begonnen, verre van, maar we hebben hen kunnen helpen. Mijn doel in dit project was om hen te vragen een studie uit te voeren, ofwel over hun plasticgebruik, ofwel over hun broeikasgasemissies, ofwel over de afvalinzameling.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Mijn doel in dit project was om hen te vragen een studie uit te voeren, ofwel over hun plasticgebruik, ofwel over hun broeikasgasemissies, ofwel over de afvalinzameling.</h3>



<h3 class="wp-block-heading">De verlenging van het project zal het onder andere mogelijk maken om de koolstofbalans te verdiepen en zal het mogelijk maken om een vervolg van het project te realiseren.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Ik heb hun traject gevolgd om de balans op te maken in functie van de omstandigheden eigen aan elk ziekenhuis en ook in functie van hun capaciteiten. Want de termijn van 1 jaar is zeer kort en ze moeten het realiseren bovenop hun gebruikelijke werklast. In functie van elk ziekenhuis individueel heb ik geprobeerd met onze interne bronnen hen vooruit te laten gaan om een goed beeld te hebben van hun huidige positie."</p>



<p class="wp-block-paragraph">De maand februari is gereserveerd voor de afsluiting van de gegevensverzameling en de uitwerking van een uniek actieplan voor het project dat kan worden geïntegreerd in de strategie van hun ziekenhuis. Vervolgens is het aan de directies om te zien wat mogelijk is om op het terrein te implementeren, waarbij de organisatie niets oplegt.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een vervolg voor het project</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De verlenging van het project – als de gevraagde subsidies worden toegekend – zal het mogelijk maken om een vervolg van het project te realiseren. "In de eerste fase hebben we zeer snel de voeding verlaten omdat dit domein moeilijk te controleren is. Maar in een tweede fase zouden we graag een criterium creëren dat de ziekenhuizen zouden kunnen gebruiken in hun overheidsopdrachten.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In het kader van circulaire gezondheidszorg en plastics zouden we graag een marktanalyse uitvoeren op zoek naar producten die bepaalde wegwerpproducten of bepaalde plastics met hoge concentratie hormoonontregelaars vervangen. In het klimaatthema is het doel om de koolstofbalans te verdiepen – bepaalde domeinen in de balans zijn ingewikkeld om te vatten – en de mogelijkheid te onderzoeken van creatie van een solider koolstofbeheerplan."</p>



<h2 class="wp-block-heading">De voordelen voor het ziekenhuis</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De deelnemers aan de projecten van HCWH Europe mobiliseren zich zowel voor het milieu op zich als voor de repercussies die het kan hebben op onze gezondheid en de effecten die eruit voortvloeien en nadien onze gezondheidszorg beïnvloeden. Denken we aan de droogte, de overstromingen en het effect van de temperatuurstijging op de gezondheid van kwetsbare personen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Het project Greening the Brussels Healthcare Sector heeft het mogelijk gemaakt om banden te creëren tussen ziekenhuizen die soms goed met elkaar communiceren, maar vaak te weinig. Ik geloof dat het creëren van banden tussen mensen die dezelfde ideeën delen en vooruit willen gaan op duurzame ontwikkeling in het ziekenhuismilieu enorm veel impact heeft en hen zal brengen tot het realiseren van kleine projecten in hun respectievelijke ziekenhuizen. En kleine successen kunnen veel impact hebben op toekomstige projecten."</p>



<p class="wp-block-paragraph"><a href="https://noharm-europe.org/issues/europe/project-greening-brussels-healthcare-sector" target="_blank" rel="noreferrer noopener nofollow">Greening the Brussels healthcare sector</a></p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/le-developpement-durable-a-la-conquete-des-hopitaux/">Le développement durable à la conquête des hôpitaux</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>L&#8217;utilisation de drones dans le secteur médical</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/lutilisation-de-drones-dans-le-secteur-medical/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 13:32:50 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Innovation]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #15]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #37]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Tim Cleys]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95185</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman en Tim Cleys</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/lutilisation-de-drones-dans-le-secteur-medical/">L&rsquo;utilisation de drones dans le secteur médical</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<h2 class="wp-block-heading">Een oplossing voor dringend transport van en naar het ziekenhuis</h2>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooremen<br></strong>Journalist medische sector</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Tim Cleys<br></strong>Manager Healthcare Integration Helicus</p>
</div>
</div>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">In afwachting van het volgende pakket Europese
dronewetgeving, bereidt het bedrijf Helicus
ziekenhuizen die met haar willen samenwerken,
voor op dronetransport in de nabije toekomst,
en dat betekent ten vroegste 2024. De eerste
demonstratievluchten met menselijk weefsel
en met stalen voor klinisch onderzoek tussen
ziekenhuizen hebben de opportuniteit van dit
type vervoer in de kijker gezet. "Op dit moment
is er echter in Europa nog geen enkel ziekenhuis
dat dronetransport operationeel inzet."</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Aldus Tim Cleys, Manager
Healthcare Integration bij
Helicus. "Binnen Europa
zijn we niet de enige speler op
de markt die specifiek transport tussen ziekenhuizen aan het
opzetten zijn. Maar we zijn wel
- tot op vandaag - de enige Europese operator die toestemming
heeft om Beyond Visual Line Of
Sight (de piloot heeft de drone niet
langer in zijn/haar gezichtsveld) en
geautomatiseerd vluchten boven
stedelijk gebied uit te voeren.
Daardoor konden de demonstratievluchten in Antwerpen worden
gerealiseerd."</em>, explique Tim Cleys, Manager Healthcare Integration chez Helicus.</p>



<h2 class="wp-block-heading">De toestellen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In tegenstelling tot andere bedrijven die iets gelijkaardig willen aan bieden, ontwikkelt Helicus geen
 eigen drones, maar wel twee andere
componenten: een Command and
Control Center (C2C) en een Drone
Cargo Port (DCP).</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Het C2C is een
software platform dat een vloot
van drones kan aansturen, fleet
management system genoemd.
Een DCP is een toestel dat alle
handelingen met een drone en met
de verpakking die onder een drone
hangt, automatiseert. Met die twee
componenten stappen we in de
markt en werken daarbij samen
met verschillende droneleveranciers.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Nos solutions sont « drone agnostiques » tant en ce qui concerne le hardware que le software, ce qui signifie qu’elles peuvent interagir avec différents types de drones. Nous sommes dès lors en mesure de proposer à nos utilisateurs finaux des solutions très flexibles en fonction du poids du paquet et de la distance à parcourir. »</p>



<p class="wp-block-paragraph">De drones die ingezet worden voor
dit type transport, zijn vrij groot
(1,5 tot 3 meter). Het type drone
varieert naargelang het vervoer:
kortere of langere afstanden, lang
ter plekke blijven hangen, vliegen
in winderige omstandigheden of
eerder lange afstanden in stabiele
omstandigheden … Er zijn drones
op batterijen en op waterstof, ook
dat bepaalt mee de capaciteiten of
mogelijkheden van elk toestel.</p>



<h2 class="wp-block-heading">De vertrek- en
landingsplaats</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In een ideale wereld heeft elk
ziekenhuis een DCP waarin een
aantal drones kunnen worden gestockeerd. Je kan het vergelijken
met een taxibedrijf met verschillende standplaatsen. En net als
bij een taxibedrijf, bel je naar de
centrale om een rit te boeken. "</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Het
ziekenhuis boekt bij ons een dronevlucht voor een bepaald transport.
Wij organiseren die vlucht, vragen
goedkeuring aan de luchtvaartautoriteiten om die vlucht te mogen
vliegen en nadat we goedkeuring hebben gekregen, wordt het
pakketje onder de drone gehangen
(automatisch als DCP, of manueel)
en wij vliegen de drone voor het
ziekenhuis naar zijn bestemming."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Helicus draagt, in dit geval als
gecertificeerde operator, de verantwoordelijkheid voor de vlucht,
want het zal voor de ziekenhuizen
praktisch onmogelijk zijn om zelf
de nodige goedkeuringen en autorisaties voor dergelijke vluchten in
huis te halen.</p>



<h2 class="wp-block-heading">De toepassingen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Het gebruik van drones zal in de
komende jaren heel gevarieerd
worden. Maar de huidige vraag
spitst zich toe op transport tussen
ziekenhuizen, tussen de sites/
campussen of binnen een ziekenhuisnetwerk, transport dat nu
met de auto gebeurt. Voor dringende transporten zou een drone
evenwel veel sneller kunnen zijn.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het kan gaan om transport van
bloedstalen, medicatie, chemobaxters, steriele materialen, menselijk weefsel voor pathologie-onderzoeken… bijv. in geval van
een gecentraliseerd labo of apotheek. Met de efficiëntere organisatie binnen de netwerken zal de transportvraag alleen toenemen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"In een tweede stap kijken we ook
naar de ziekenhuisleveranciers,
zoals het Rode Kruis, farma- of
medtechbedrijven die dringend
producten moeten aanleveren. Een
drone kan bijv. van een centraal
magazijn naar elk ziekenhuis
worden ingezet. Daar wordt nu heel
concreet aan gewerkt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op langere
termijn denken we ook aan orgaantransport, al is dat complexere
materie, en transport van AED-toestellen. Daarnaast worden voorbereidingen opgestart om ook personentransport met drones te doen,
bijv. een arts/verpleegkundige
naar een traumalocatie brengen."</p>



<h2 class="wp-block-heading">Voorbereidende fase</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In afwachting van de eerste echt
operationele vluchten zet Helicus
sterk in op digitalisatie en integratie, met alle actoren die belangrijk zijn bij zulk dronetransport.
Vóór elke vlucht is de goedkeuring nodig van de luchtvaartautoriteiten. Daartoe worden communicatieprotocollen uitgewerkt.
"De betrachting is om deze goedkeuring binnen 1 à 2 minuten te
krijgen, momenteel zitten we nog
aan ongeveer 7 minuten."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Verder wordt er gewerkt aan
publieke acceptatie: duidelijke
communicatie met de betrokken
partijen, zoals gemeente- en stadsbesturen, over wat er te gebeuren
staat. En omdat ziekenhuizen vaak
in de stad of aan de rand liggen is
het vermijden van een populated
area voor een dronevlucht moeilijk.</p>



<p class="wp-block-paragraph">"Wij zijn de eerste - en tot nu toe
ook nog steeds de enige - Europese 
operator die toestemming heeft
om geautomatiseerde vluchten uit
te voeren boven stedelijk gebied en
BVLOS. Om deze toestemming te
verkrijgen, hebben we aan de luchtvaartautoriteiten op verschillende
niveaus moeten bewijzen dat ons
systeem robuust, veilig en betrouwbaar is, en dat we de wetten die dit
transport regelen, begrijpen."</p>



<h2 class="wp-block-heading">À quand dans la pratique?</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Een deel van de regelgeving die
moet toelaten om drones voor
medisch transport op operationele schaal in te zetten, ontbreekt
nog. Daarvoor moeten we naar
Europa kijken, dat verantwoordelijk is voor de dronewetgeving
die alle lidstaten moeten volgen.
"Helicus is nu coördinator van
een Europees project, SAFIR-Med
(www.safir-med.eu), het grootste
Europese dronedemonstatie- en
-ontwikkelingsproject specifiek
voor de gezondheidssector.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een deel van de regelgeving die
moet toelaten om drones voor
medisch transport op operationele schaal in te zetten, ontbreekt
nog. Daarvoor moeten we naar
Europa kijken, dat verantwoordelijk is voor de dronewetgeving
die alle lidstaten moeten volgen.
"Helicus is nu coördinator van
een Europees project, SAFIR-Med
(www.safir-med.eu), het grootste
Europese dronedemonstatie- en
-ontwikkelingsproject specifiek
voor de gezondheidssector.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In die wetgeving
zitten delen die wij nodig hebben
om de huidige demonstraties en
projecten naar een operationeel
niveau te tillen. Eens de wetgeving
is vrijgegeven, hebben alle landen
nog tijd nodig om die wetgeving
in de nationale wetgeving te incorporeren. We denken dat de meeste
landen hiermee klaar zullen zijn
eind 2023, begin 2024, en dan
kunnen we beginnen met het
opzetten van de eerste pilootlijnen
om tegen 2025-2026 op te schalen
naar grotere commerciële activiteiten", denkt Tim Cleys.</p>



<p class="wp-block-paragraph"></p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/lutilisation-de-drones-dans-le-secteur-medical/">L&rsquo;utilisation de drones dans le secteur médical</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Coalition Next Belgium</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/coalition-next-belgium-initiative/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 13:25:42 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Innovation]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #15]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95174</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman, Medisch journalist</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/coalition-next-belgium-initiative/">Coalition Next Belgium</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>



<h2 class="wp-block-heading">Is Coalition Next Belgium Iets Voor U?</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">In april 2022 werd Coalition Next
Belgium gelanceerd door een
aantal zorginstellingen, verenigingen en (farma)bedrijven actief in de
gezondheidssector. De bedoeling
is innovatieve oplossingen in de
gezondheidssector breed implementeren.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Het initiatief werd opgezet in Frankrijk in april
2020 door Pascal Bécache van Digital Pharma
Lab: "Coalition Next betekent een heuse versnelling voor start-ups die hun oplossingen voor eGezondheid willen voorstellen aan zorginstellingen, industriëlen en investeerders. Het is een unieke gelegenheid
voor een rechtstreekse toegang tot de markt."</p>



<p class="wp-block-paragraph">De COVID-19-pandemie heeft immers aangetoond dat zorgcontinuïteit voor chronische patiënten een probleem wordt, als de ziekenhuizen worden overspoeld door COVID-patiënten die acute zorg nodig hebben. Tal van kleine bedrijven, start-ups, kunnen digitale innovaties aanbieden, alleen moeten die matchen met de noden van de ziekenhuizen en van de thuiszorg.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op enkele maanden tijd werden in Frankrijk 19 digitale
innovaties geïmplementeerd in 40 zorginstellingen. Dat
succes was zo aanstekelijk dat België niet kon achterblijven. Intussen stapten reeds meer dan 25 verschillende zorginstellingen/ziekenhuizen, verenigingen en
(farma)bedrijven mee in, maar er is ruimte voor wie nog
wil aansluiten.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Hoe gaat het in zijn werk?</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De stakeholders van Coalition Next Belgium overleggen
wekelijks online gedurende één uur om te bepalen
welke hun noden in de zorg zijn waarvoor een oplossing
vereist is. Zo worden de thema's bepaald voor een Call for Projects naar de start-ups toe.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In oktober bijvoorbeeld waren dit de drie thema's: preventie en/of betere
toegang tot zorg, snellere diagnosestelling en/of optimalisatie van het zorgtraject, en betere processen voor zorg
op afstand. "Van de start-ups en innoverende bedrijven
die een project indienen, wordt een preselectie aan alle
leden van de Coalition gepicht", legt Christophe Jauquet
uit, Ecosystem Lead van Coalition Next Belgium.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zorginstellingen die interesse hebben voor een van de aangeboden innovatieve oplossingen, komen zo rechtstreeks
met het innoverende bedrijf in contact en de innovatie
kan versneld in de praktijk worden omgezet in meerdere
ziekenhuizen bijvoorbeeld.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Voordelen in twee richtingen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Kortom, het zijn de zorginstellingen zelf die de zorgnood
bepalen en die al of niet op het innovatieve voorstel voor
aanpak ingaan. Het voordeel voor de zorginstelling is
dat ze uit een breed scala aan mogelijke voorstellen
kan kiezen. Bovendien wordt de samenwerking met de
privé-sector zo minder risicovol.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Voor een start-up is
het inderdaad moeilijk om in het ziekenhuis die juiste
persoon te vinden die gediend zou kunnen zijn met de
oplossingen die ze aanbiedt, en omgekeerd, de verantwoordelijke voor innovatieve vernieuwing in de zorginstelling weet niet of de ongekende/onervaren start-up
wel voldoende betrouwbaar is.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Azéle Mathieu, Voorzitter van Coalition Next Belgium:
"Met Coalition Next stappen we samen in een krachtig
proces van co-creatie. We vertrekken van de noden
van de zorginstellingen om de thema's van de call for
projects te definiëren. Dit zich herhalend proces is zeer
verrijkend om ieders realiteit beter te begrijpen."</p>



<p class="wp-block-paragraph">Meer infos <br><strong>Christophe Jauquet <br></strong>(Lead Coalition Next Belgium)<br><a href="mailto:cjauquet@digitalpharmalab.com">cjauquet@digitalpharmalab.com</a><br>tél. <a href="tel:+32495619960">0495 619 960</a></p>



<p class="wp-block-paragraph"></p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/coalition-next-belgium-initiative/">Coalition Next Belgium</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Hôpital Aan de Stroom (ZAS) à Anvers</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/hopital-aan-de-stroom-zas-a-anvers/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 13:21:42 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Fons Duchateau]]></category>
		<category><![CDATA[Hôpital en mouvement]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #15]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #37]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Willeke Dijkhoffz]]></category>
		<category><![CDATA[Wouter De Ploey]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95173</guid>

					<description><![CDATA[<p>Ecrit par Michelle Cooreman, Willeke Dijkhoffz,  Wouter De Ploey et  Fons Duchateau</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/hopital-aan-de-stroom-zas-a-anvers/">Hôpital Aan de Stroom (ZAS) à Anvers</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<h2 class="wp-block-heading">Ziekenhuis Aan de Stroom (zas) in Antwerpen: Weldoordacht van netwerk naar fusie</h2>



<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Wouter De Ploey<br></strong>Afgevaardigd bestuurder Netwerk ZAS</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Willeke Dijkhoffz<br></strong>Voorzitter Netwerk ZAS</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Fons Duchateau<br></strong>Integratiemanager</p>
</div>
</div>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">De ziekenhuizen van GZA en ZNA
zitten sinds 2020 in een netwerk
met de naam 'Ziekenhuis Aan
de Stroom (ZAS)'. In juni 2022
schaarden de raden van bestuur
van beide ziekenhuisgroepen
zich achter een "intentie tot
fusie" die op 1 januari 2024
moet uitmonden in een fusie.</h3>



<h3 class="wp-block-heading">Een gesprek over de voordelen
en uitdagingen met drie sleutelfiguren: Willeke Dijkhoffz, voorzitter Netwerk ZAS en CEO van
GZA, Wouter De Ploey, afgevaardigd bestuurder Netwerk
ZAS en CEO van ZNA, en Fons
Duchateau, integratiemanager
en netwerkcoördinator Netwerk
ZAS.</h3>



<h3 class="wp-block-heading">Eerste vraag: waarom nog
een fusie als er toch al een netwerk is?</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Willeke Dijkhoffz, qui a été désignée comme CEO de l’hôpital ZAS fusionné, dit clairement ceci : « Depuis 2016, l’année où nous nous sommes réunis et avons créé cette association hospitalière, notre ambition a toujours été de nous diriger vers une unicité de direction, de capacité et de vision. C&rsquo;est la base. Notre expérience nous a montré que d’autres structures de ce type, comme des associations, et groupements, ne mènent pas à ces finalités. Nous avons choisi une structure de groupement d’hôpitaux lors de la création du réseau, avec l’espoir que la législation sur les réseaux hospitaliers pourraient satisfaire notre ambition. »</p>



<p class="wp-block-paragraph">" Dat bleek echter niet zo: de netwerken
kunnen wel een eenheid van visie en leiding mogelijk
maken maar gaan niet ver genoeg om ook naar een
eenheid van vermogen te gaan. Het Netwerk ZAS kreeg
zijn erkenning in januari 2020. Maar om de oorspronkelijke ambitie waar te maken, is een fusie het enige
alternatief.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een nieuwe vzw</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De netwerkconstellatie ging dus niet ver genoeg. Bovendien werden de diensten anatomopathologie van beide
ziekenhuisgroepen al samen uitgebouwd tot één enkele
dienst en was er de wens om te werken met één gezamenlijk elektronisch medisch patiëntendossier (EPD).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Wouter De Ploey van ZNA en Etienne Wauters voorzitter van GZA hebben het voortouw genomen om
samenwerkingen vorm te geven en te doen slagen.
Maar de enige manier om de samenwerking efficiënt
verder door te drijven, is naar een fusie van vzw's te
gaan.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Vanaf 2016, is het altijd onze ambitie geweest om naar een eenheid van leiding, vermogen en visie te gaan</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Willeke Dijkhoffz gaat verder: « De bedoeling is nu om op 1 januari 2024 naar één vzw te gaan met behoud van de huidige erkenningsnummers, namelijk twee van algemene ziekenhuizen en een van een psychiatrisch ziekenhuis. Met andere woorden, één rechtspersoon, één vzw met exploitatie van verschillende ziekenhuizen. Of we na 1 januari 2024 nog verder gaan naar een versmelting van de erkenningsnummers? Dat weten we nu nog niet</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op dit ogenblik is dat zelfs nadelig zowel voor de patiënt als voor ons. Maar door de fusie kunnen we naar een eenheid van vermogen, leiding en visie gaan. Eenzelfde raad van bestuur, eenzelfde directiecomité, met drie medische raden (een per ziekenhuis) met de bedoeling te werken conform eenzelfde financiële regeling, eenzelfde algemene regeling, eenzelfde personeelsstatuut… waarbij het in de feiten niet mag uitmaken dat er drie erkenningsnummers zijn. »</p>



<h2 class="wp-block-heading">Voordeel op zorgstrategisch vlak</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Waarom is eenheid van vermogen zo belangrijk? Wouter De Ploey: « De huidige netwerken zijn samengesteld uit verschillende rechtspersonen, de aparte vzw&rsquo;s. Als we zo tot zorgherschikking willen overgaan, dan moeten die aparte vzw&rsquo;s op het einde van de dag wel allemaal hun financiële balans in evenwicht hebben, en dat is moeilijk. Met de fusie zullen we de ruimte hebben om te verschuiven, te investeren want alles zit in één grote spaarpot. »</p>



<p class="wp-block-paragraph">Nu is het zo dat, om tussen beide algemene ziekenhuizen in het netwerk verschuivingen te doen, de financiële stromen moeten worden gecompenseerd en dat vraagt veel rekenwerk. Bovendien, voegt Fons Duchateau toe: « Het is voor een entiteit toch altijd moeilijker om beslissingen te nemen die tegen de eigen financiële belangen zouden ingaan. M</p>



<p class="wp-block-paragraph">Met de constructie zoals hierboven beschreven hebben we de ambitie om één holding te creëren waarbinnen de financiële stromen tussen de partners niet meer uitmaken en intern worden geneutraliseerd. Voor een lid van het bestuursorgaan is het gemakkelijker om dan beslissingen te nemen over zorgherschikking dan wanneer dat moet gebeuren ten nadele van één van de onderscheiden vzw&rsquo;s in het netwerk. « </p>



<h2 class="wp-block-heading">In de praktijk</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Nu zijn er drie raden van bestuur, die van het netwerk ZAS vzw, GZA vzw en ZNA vzw. « Om allerlei praktische en juridische redenen zal de vzw GZA worden ingekanteld in de vzw ZNA bij de fusie », legt Willeke Dijkhoffz uit. « De netwerk vzw houden we open omdat later misschien nieuwe andere ziekenhuispartners erin willen toetreden. » De fusie zal ook een vzw zijn met verschillende ziekenhuizen wat op een netwerkstructuur neerkomt.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Naar samenstelling is nu alvast de meerderheid van de bestuurders in het netwerk en in de twee ziekenhuisgroepen gelijk. Zo vormen ze een zorgeenheid. Het is een soort tussenstap naar één raad van bestuur voor het fusieziekenhuis. In de startfase zullen de raden van bestuur van de fusie vzw en van de netwerk vzw identiek samengesteld blijven.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Voordelen versus nadelen</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Met 3 medische centra, 13 algemene en gespecialiseerde ziekenhuiscampussen, één psychiatrisch ziekenhuis en één psychiatrisch verzorgingstehuis is de toegediende zorg erg geografisch gespreid over Antwerpen. « Toch zijn het momenteel maar 2 ziekenhuizen met een eigen aansturing, dus vanuit die context worden weinig problemen verwacht, al zullen we er wel op moeten letten dat de voordelen van de schaalgrootte primeren op de nadelen. Met aandacht voor wat we centraal zullen doen, en wat decentraal zal gebeuren », benadrukt Fons Duchateau. « </p>



<p class="wp-block-paragraph">« Omdat we naar één financiële regeling gaan, maakt het voor een arts niet uit op welke site die zijn/haar medische handelingen verricht. Het is een meerwaarde voor de patiënt in de Antwerpse regio en in bredere zin ook voor de Antwerpse samenleving, om onze middelen en beschikbare ressources samen te brengen om die dan optimaal in te kunnen zetten. Bijvoorbeeld, de GZA campus Sint-Augustinus en ZNA Middelheim liggen op 800 meter van elkaar; de overheid zal geen middelen blijven geven om in deze twee ziekenhuizen altijd alles te kunnen blijven aanbieden. Daar is een goede integratie en samenwerking noodzakelijk zodat de middelen optimaal ingezet worden. »</p>



<h2 class="wp-block-heading">Fusie én netwerk</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">We hebben de ambitie om één holding te creëren waarbinnen de financiële stromen tussen de partners niet meer uitmaken en intern worden geneutraliseerd</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">De basiszorg zal altijd breed beschikbaar blijven, enkel voor de zeer gespecialiseerde zorg is concentratie aangewezen. Zeker vanuit medisch standpunt betekenen meer routine en ervaring betere uitkomsten. « De Vlaamse overheid verplicht ons een zorgstrategisch plan neer te leggen per netwerk. Dat kunnen we invullen volgens het sjabloon dat de overheid daarvoor heeft geschreven: geïntegreerde zorg, evolutie van onze beddencapaciteit … Dat zal in ons netwerk na de fusie gemakkelijker gaan dan bij andere netwerken, vermits we van één visie, leiding en vermogen vertrekken », merkt Wouter De Ploey nog op.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Door de fusie zullen plannen kunnen worden gerealiseerd die in een zuivere netwerkcontext moeilijker te halen zijn. Dan moet je immers rekening houden met de individuele situaties van de partners binnen het netwerk.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Integratie volop bezig</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Bij het concentreren van gespecialiseerde zorg zullen we toch proberen om dit zorgaanbod in het noorden en het zuiden van Antwerpen te behouden</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">In juni hebben beide raden van bestuur (ZNA en GZA) het fusieprotocol goedgekeurd en dat houdt de intentie tot fusie in op 1 januari 2024. In afwachting wordt er hard gewerkt aan, onder andere, statuten, een eengemaakte financiële regeling voor de artsen, een eengemaakte algemene regeling, een eengemaakt personeelsstatuut, enz.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De aflopen maanden zijn GZA en ZNA van start gegaan met éénzelfde EPD-systeem. Zo komt er één geïntegreerd databestand voor de patiëntendossiers van het toekomstige fusieziekenhuis. « We hebben al één groot IT-team samengevoegd op één locatie, en het zou een grote meerwaarde hebben als we de volledige back-office, de niet-medische beroepen, kunnen samenvoegen. »</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is ook de bedoeling om in Kontich één centrale apotheek te bouwen die niet alleen gaat aanleveren aan de grotere sites maar ook instaat voor de distributie en productie van chemotherapie. « Het vraagt natuurlijk investeringen om nadien rendement te krijgen. Dat is een risico dat we nemen maar we geloven erin. Het is onze ambitie om dit als groep waar te maken », aldus nog Wouter De Ploey.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dat geldt ook voor de gezamenlijke eenheid neonatale intensieve zorg (NICU) die een samenvoeging is van de twee diensten in een volledig innovatieve nieuwe setting. Daar zijn financiële middelen voor nodig maar op termijn zal de uitkomst qua zorgkwaliteit beter zijn dan wanneer beide diensten zouden moeten worden gerenoveerd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">En Fons Duchateau wijst op een ander aspect: « Zo kan je ook het personeel in deze periode van personeelsschaarste samenvoegen en optimaal inzetten ». Op termijn zullen de logistieke diensten (keuken, poetsen, …) worden geïntegreerd. « We zijn nu aan het oplijsten wat absoluut noodzakelijk is voor de fusie op 1 januari 2024 en wat later kan worden geïntegreerd. Onderhoud is daar een voorbeeld van: de beleidsbeslissingen moeten gecentraliseerd genomen worden maar de uitvoeringsteams moeten niet op de fusiedatum geïntegreerd zijn ».</p>



<p class="wp-block-paragraph">Kortom, integratie betreft niet alleen medische aspecten maar alles wat het ziekenhuis aanbelangt. Een organogram is in het fusieprotocol opgenomen. De directies samen werken de integratie verder concreet uit om zo de meerwaarde van de fusie stelselmatig te realiseren.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Communicatie naar de medewerkers</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De dag na de goedkeuring van het fusieprotocol door de raden van bestuur werd een webinar opgezet naar alle medewerkers en meer dan 1000 hebben erop ingelogd. Aanvullend zijn er regelmatig nieuwsbrieven die specifiek gaan over de integratie-elementen. Een change en transitieteam is aangesteld om de transitie op een goede manier te laten verlopen maar ook om te detecteren wat de bezorgdheden op de werkvloer zijn. Veel informatie voor het personeel komt op de respectievelijke websites, al wordt niet alleen digitaal gecommuniceerd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Er zal bijvoorbeeld een soort roadshow worden georganiseerd. Het grote aantal geografische sites noopt tot gedetailleerde planning. « We zullen de communicatie opdrijven naarmate de beslissingen dichterbij komen. Los van persoonlijke zorgen &#8211; waar ga ik als personeelslid terechtkomen &#8211; staat het personeel wel achter deze fusie. Alle zorgherschikkingen gebeuren trouwens zoveel als mogelijk bottom-up &#8211; binnen de budgettaire limieten &#8211; en na concertaties met medische diensten en verpleegkundige directies », stelt Fons Duchateau gerust.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Grootste bezorgdheid</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Volgens Willeke Dijkhoffz werd er nooit geaarzeld om tot fusie over te gaan. De enige uitdaging is al het werk gedaan krijgen, want er komt veel bij kijken, terwijl de ziekenhuizen toch een periode doorgemaakt hebben die hen op hun grondvesten deed daveren. « Nu nog zijn er andere maatschappelijke uitdagingen die de tijdslijn kunnen beïnvloeden maar nooit de finaliteit. We proberen de deadline van 1 januari 2024 voor de fusie aan te houden, want ze is belangrijk wegens de politieke context in Antwerpen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Alleen gaat het veel trager dan we willen door allerlei omstandigheden &#8211; verschillende bevoegde overheden, wetgeving, maatschappelijke context, … Dat vraagt geduld van de medewerkers die we meenemen naar het eindplaatje. De verandering is immers groot. Geduld en vertrouwen zijn belangrijk. De grootste uitdaging is hoe krijgen we de mensen mee in een realistische tijdslijn en hoe kunnen we dat realiseren in omstandigheden waarin ziekenhuizen vele bordjes tegelijk moeten omhooghouden. »</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/hopital-aan-de-stroom-zas-a-anvers/">Hôpital Aan de Stroom (ZAS) à Anvers</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Une comparaison des systèmes de santé européens</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/une-comparaison-des-systemes-de-sante-europeens/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 12:46:56 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[COVID-19]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #12]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #14]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95146</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman, Medisch journalist</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/une-comparaison-des-systemes-de-sante-europeens/">Une comparaison des systèmes de santé européens</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Twee Roemeense onderzoekers
van de Universiteit van Iasi publiceerden een analyse van de doeltreffendheid van de zorgsystemen
in 31 Europese landen, meer
bepaald over de COVID-19-aanpak
van januari 2020 tot januari 2021.<br></h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Als methode gebruikten Dan Lupu en Ramona Tiganasu de Data Envelopment Analysis (DEA) waarmee doeltreffendheidsscores voor het zorgsysteem kunnen worden berekend. Ze deelden de onderzoeksperiode op in drie delen: de eerste golf (1<sup>er</sup> januari tot 15 juni), een tussenperiode (15 juni tot 1 oktober) en de tweede golf (1<sup>er</sup> octobre), et enfin la deuxième vague (du 1<sup>er</sup> oktober tot 31 december). Determinerend voor de scores waren 15 indicatoren rond de gezondheidszorg, de gezondheidsstatus, gegevens uit de bevolking en de economie, culturele en sociale indicatoren en overheidsmaatregelen.</p>



<h2 class="wp-block-heading">West versus oost</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De doeltreffendheid van het zorgsysteem kunnen we meten door inputs (COVID-19-infecties, aantal artsen, verpleegkundigen en ziekenhuisbedden, en gezondheidsuitgaven) te vergelijken met outputs (COVID19-overlijdens). In de eerste fase van de pandemie was de ondoeltreffendheid van de zorgsystemen vrij hoog, vooral in de Westerse landen (Italië, België, Spanje, UK).</p>



<p class="wp-block-paragraph">In de tussenfase en de tweede golf hebben deze landen meer aangepaste maatregelen genomen om hun zorgsysteem efficiënter te maken. Oost-Europese landen daarentegen werd hard getroffen door de inefficiëntie van hun zorgsystemen (Bulgarije, Griekenland, Hongarije, Roemenië).</p>



<p class="wp-block-paragraph">Algemeen weten we ook dat het aantal COVID-19-infecties en het aantal overlijdens groter was in de tweede golf, enerzijds door de grotere besmettelijkheid van het virus maar ook door het opheffen en/of minder opvolgen van de afstandsmaatregelen.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Drie categorieën</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Op basis van de DEA-resultaten konden de Europese landen in drie categorieën van doeltreffendheid worden ingedeeld: hoge (score 0,75-1), gemiddelde (0,50-0,75) en lage (&nbsp;<code>&lt;</code>&nbsp;&lt;0,50) doeltreffendheid. Alleen Noorwegen had een zeer hoge doeltreffendeid (score = 1).</p>



<p class="wp-block-paragraph">De grootste groep landen behaalt een hoge doeltreffendheidsscore: Oostenrijk, Kroatië, Cyprus, Tsjechië, Denemarken, Estland, Finland, Ijsland, Ierland, Letland, Luxemburg, Malta, Portugal, Slowakije, Slovenië en Zwitserland. België zit bij de landen met een gemiddelde doeltreffendheidsscore, samen met Bulgarije, Frankrijk, Duitsland, Griekenland, Hongarije, Nederland, Polen, Spanje, Zweden en UK.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Alleen Italië en Roemenië zitten in de laagste categorie; in deze landen kon een kwetsbaarheid worden aangetoond in het gebruik van de middelen versus de noden in het eerste jaar van de pandemie.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Bepalende factoren</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Een Tobit regressie-analyse toont de factoren die de grootste invloed hebben op de doeltreffendheid in de verschillende fasen. In de eerste fase van de pandemie waren dat vooral comorbiditeiten, leeftijd en bevolkingsdichtheid. In de tussenperiode werd vooral gewezen naar effectiviteit van de overheidsmaatregelen en afstandsregels. In de tweede golf waren educatie en bevolkingsdichtheid doorslaggevende factoren.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Het is dus duidelijk dat niet alleen factoren die verband houden met gezondheid, de doeltreffendheid van het zorgsysteem bepalen maar dat ook economische, sociale en overheidsalertheid meespelen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Lupu, D., Tiganasu, R. COVID-19 and the efficiency of health systems in Europe. <em>Health Econ Rev</em> <strong>12</strong>, 14 (2022). <a href="https://rdcu.be/dbYeK" target="_blank" rel="noreferrer noopener nofollow">https://doi.org/10.1186/s13561-022-00358-y</a>. PMID: 35150372; PMCID: PMC8841084.</p>



<p class="wp-block-paragraph"></p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/une-comparaison-des-systemes-de-sante-europeens/">Une comparaison des systèmes de santé européens</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>La sécurité dans la cuisine de l&#8217;hôpital</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/la-securite-dans-la-cuisine-de-lhopital/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 12:43:43 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #12]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #14]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Professionnalisation de l'hôpital]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95142</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman, Medisch journalist</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/la-securite-dans-la-cuisine-de-lhopital/">La sécurité dans la cuisine de l&rsquo;hôpital</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Sinds 2008 reikt het FAVV (Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen) het label “Smiley” uit aan bedrijven in de horecasector en aan grootkeukens. In 2013 werd het systeem uitgebreid naar alle sectoren die rechtstreeks voedingsmiddelen aan consumenten leveren, waaronder ziekenhuiskeukens.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">U hebt ze misschien al gezien: de groene Smiley-stickers — een wit lachend gezicht met een opgestoken duim op een groene achtergrond — bij de slager, de bakker, in een crèche of in de ziekenhuiskeuken. Maar wat betekenen ze precies?</p>



<h2 class="wp-block-heading">De voorwaarden</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Om een Smiley te krijgen, moeten een aantal maatregelen worden nageleefd die de voedselveiligheid van de aangeboden producten garanderen. Dit gebeurt via autocontrole. Let op: een autocontrolesysteem is verplicht volgens de wet.<sup>[1]</sup></p>



<p class="wp-block-paragraph">Op de website van het FAVV staat uitgelegd wat autocontrole precies inhoudt:
“Bedrijven moeten zichzelf voortdurend controleren op het vlak van hygiëne, naleving van de vereiste temperaturen, bewaartermijnen, en dit in alle fasen van productie, verwerking en verkoop. Ze moeten ook weten waar hun producten (of grondstoffen) zich bevinden. Dat noemen we traceerbaarheid.“&nbsp;<sup>[2]</sup></p>



<p class="wp-block-paragraph">Daarnaast is er ook een meldingsplicht, dat wil zeggen: wanneer een bedrijf vermoedt dat een product dat werd « ingevoerd, geproduceerd, geteeld, gekweekt, bewerkt, gefabriceerd of verhandeld » schade kan toebrengen aan de gezondheid van de consument (mens, plant en dier), moet dit aan het FAVV worden gemeld. Voor het invoeren van zulk autocontrolesysteem werden gidsen uitgewerkt door de beroepsorganisaties.<sup>[3]</sup></p>



<p class="wp-block-paragraph">Al is autocontrole verplicht, een Smiley is dat niet. Om die te verkrijgen, moet het autocontrolesysteem « met gunstig gevolg doorgelicht zijn (geauditeerd) door een voor de betreffende sector erkende certificeringsinstelling/ keuringsinstelling (OCI). »[2] Elke Smiley heeft een uniek identificatienummer en is 3 jaar geldig. Een lijst met bedrijven die een Smiley hebben, staat aangegeven op de website van het FAVV.[4]</p>



<h2 class="wp-block-heading">Enkele voorbeelden</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In mei kondigde AZ Zeno op haar website aan dat zij het Smileylabel hadden gekregen. [5] De grootkeuken van Ziekenhuis Geel behaalde het label al voor de tweede keer op rij.[6] Beide keukenverantwoordelijken leggen er de nadruk op dat teamwerk onontbeerlijk is om deze hoogste onderscheiding binnen te halen. Bovendien erkent het label niet alleen de veilige bereiding en bewaring van de voedselproducten, de maaltijden moeten ook lekker zijn. Dat dit een dagelijkse zorg is in elke grootkeuken hoeft geen betoog, een continue zorg want onaangekondigde controlebezoeken van het FAVV zijn altijd mogelijk.</p>



<p class="wp-block-paragraph">AZ Sint-Blasius Dendermonde, AZ Sint-Maarten Mechelen en AZ Groeninge Kortrijk werken al jaren met een Smiley.<a href="https://hospitals.be/nl/magazine-36/"></a></p>



<p class="wp-block-paragraph"></p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/la-securite-dans-la-cuisine-de-lhopital/">La sécurité dans la cuisine de l&rsquo;hôpital</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>L&#8217;avenir du CHwapi se concrétise de plus en plus</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/lavenir-du-chwapi-se-concretise-de-plus-en-plus/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 11:23:28 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[Clément Lacroix]]></category>
		<category><![CDATA[Dr Stéphane Gillerot]]></category>
		<category><![CDATA[Hôpital en mouvement]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #13]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<category><![CDATA[Simon Dezoomer]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95101</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman, Clément Lacroix, Simon Dezoomer, Simon Cuvelier en Dr Stéphane Gillerot</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/lavenir-du-chwapi-se-concretise-de-plus-en-plus/">L&rsquo;avenir du CHwapi se concrétise de plus en plus</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div class="wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-7387b849 wp-block-columns-is-layout-flex">
<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Clément Lacroix<br></strong>Ingenieur, Verantwoordelijke voor bouwwerfprojecten</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Simon Dezoomer<br></strong>Afdelingshoofd van de afdeling Computerized Patient Record, CHwapi</p>
</div>



<div class="wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow">
<p class="wp-block-paragraph"><strong>Simon Cuvelier<br></strong>Architect, Archipelago</p>



<p class="wp-block-paragraph"><strong>Dr Stéphane Gillerot<br></strong>Voorzitter van de Medische Raad,
CHwapi</p>
</div>
</div>



<h2 class="wp-block-heading">Fase 2 van de werken op de enige site in Doornik</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">De bouwwerf op de site Union van het CHwapiziekenhuis in Doornik is de tweede fase ingegaan,
namelijk uitbreiding van het ziekenhuis met
nieuwbouw. In dit artikel ligt de focus op drie
aspecten die daarbij worden gehanteerd en
belangrijk zijn voor de toekomst: functionele
modulariteit, vermindering van de CO2-voetafdruk en artificiële intelligentie.</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">Ter herinnering: het Centre Hospitalier de Wallonie picarde (CHwapi) heeft een lange geschiedenis van fusies en reorganisaties (zie Hospitals.be n°4/2015). In 2015 was de activiteit geconcentreerd op 4 sites: Union, Dorcas, Notre-Dame en IMC. De langetermijndoelstelling is echter om alle ziekenhuisactiviteiten samen te brengen op één enkele site, de Union.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Van 2015 tot 2017 heeft fase 1 van de werf – op de site Union – het mogelijk gemaakt om een deel van het gebouw te renoveren, met name het voormalige burgerlijk ziekenhuis van het OCMW: het werd volledig herontworpen en ingericht met meer verticale zorgeenheden. Tegelijkertijd werd een nieuw gedeelte toegevoegd aan het gerenoveerde gebouw voor acute geneeskunde, spoedgevallen, intensieve zorgen, het operatieblok en de moeder-kindpool.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een nieuwe ontvangsthal en een ondergrondse parking met ingang via de rue des Sports sloten deze fase 1 af.</p>



<h2 class="wp-block-heading">De voortgang van de werken</h2>



<p class="wp-block-paragraph">"Parallel aan fase 1 zijn we begonnen met het ontwikkelen van de bouwvergunning en het dossier van fase 2 die de uitbreiding van de bestaande gebouwen op de site Union betreft", legt Simon Cuvelier uit van het architectenbureau Archipelago.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op de sokkel zullen twee driehoekige gebouwen worden gebouwd die geriatrische zorg- en revalidatie-eenheden zullen herbergen. Het geheel zou operationeel moeten zijn tegen 2025. In de loop van 2021 werd een groot gat gegraven om ondergronds een parking voor 1.200 auto's aan te leggen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Sur le socle seront construits deux bâtiments en forme de triangle qui hébergeront des unités de soins gériatriques et de revalidation. Le tout devrait être opérationnel à l’horizon 2025. Courant 2021, un grand trou a été creusé pour aménager en sous-terrain un parking pour 1.200 voitures.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Bovenal licht</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De hoofdingang van het ziekenhuis – momenteel gelegen in de rue des Sports – zal worden verplaatst naar de sokkel van de consultaties en de daghospitalen. Wanneer iemand met de auto aankomt via een van de twee parkeerniveaus, zal hij toegang krijgen tot een nieuwe esplanade voor zachte mobiliteit, van waaruit hij zich kan richten naar ofwel de algemene hoofdingang, ofwel naar een rechtstreekse ingang voor dialyse.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze esplanade die de nadruk legt op groene ruimtes heeft ook tot doel een plek van delen en uitwisseling te worden.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een eerste driehoek zal voornamelijk de geriatrische zorgeenheden herbergen, de andere driehoek wordt gereserveerd voor neurologische en locomotorische revalidaties evenals voor psychiatrie. Wat betreft hun constructie, preciseert de architect: <em>"We hebben gezocht naar zoveel mogelijk licht in het ziekenhuis. De driehoeken bieden de mogelijkheid om de buitenoppervlakken te maximaliseren om meer licht binnenin te hebben en vooral in de kamers."</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Grote patio's zullen ook veel licht brengen, net als een glazen gevelmuur.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Een modulair ziekenhuis</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Tot de troeven van het toekomstige ziekenhuis behoren de modulariteit op verschillende niveaus. Simon Cuvelier geeft ons enkele voorbeelden: <em>"Er zullen geen consultatiebureaus meer zijn die toegewezen zijn aan een discipline of een arts. Elektronische schermen, geplaatst voor elke consultatie, zullen, volgens de planning, de naam van de arts en de specialiteit van de consultatie weergeven."</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Om modulair te zijn, werd de binnenarchitectuur zo uniform mogelijk ontworpen. Als men bijvoorbeeld vaststelt dat de consultaties in orthopedie toenemen en die in pneumologie afnemen, zal orthopedie lokalen van pneumologie kunnen gebruiken omdat de basisuitrusting dezelfde is.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Deze functionele modulariteit zal ook toepasbaar zijn op de operatiezalen die zo polyvalent mogelijk zullen zijn. Er zullen "case"-karren zijn die al het steriel materiaal bevatten dat nodig is voor een bepaalde operatie. Dit maakt de opslag van materiaal in het operatiekwartier onnodig, net als het toewijzen van een zaal aan een specifieke specialiteit.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Modulair tot in de kamers</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Om modulair te zijn, werd de binnenarchitectuur zo uniform mogelijk ontworpen</h3>
</blockquote>



<p class="wp-block-paragraph">De modulariteit zal nog verder gaan met de hulp van informatica. Bij de ontvangst zal de patiënt worden uitgenodigd om een ticket te nemen; eenmaal ingeschreven, zal het programma hem vertellen waar hij zich moet melden en welke route hij moet volgen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Grote schermen in de gangen zullen hem in staat stellen zich te oriënteren. De digitalisering van de bewegwijzering voor de oriëntatie van de patiënt maakt ook een vorm van flexibiliteit mogelijk. <em>"De informatica maakt het mogelijk om hetzelfde routenummer te behouden, maar de locatie ervan in het gebouw te wijzigen, bijvoorbeeld bij een renovatie."</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Meer algemeen is het gebouw ontworpen met behulp van grote plateaus en platen met zuilen om de 8 meter. Het technisch materiaal is ook identiek, of bijna, en op dezelfde sleutellocaties geplaatst. Zo kunnen over 10 of 20 jaar, wanneer de evolutie een volledige verandering van plateau vereist, alle binnenafwerkingen worden verwijderd en vervolgens kan een reconstructie plaatsvinden, terwijl de buitenschil en de interne structuur behouden blijven.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>"Als je je verdiept in het buitenste deel van de driehoeken, merk je dat ze gebouwd zijn als een origami, met kleine gevouwen punten. Elk van deze punten komt overeen met een eenpersoonskamer of een tweepersoonskamer die gemaakt is in anderhalf punt. Merk op dat, aangezien de tweepersoonskamers niet veel gebruikt worden, ze gemakkelijk moduleerbaar zijn naar eenpersoonskamers",</em>besluit Simon Cuvelier.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Het ecologische aspect</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Door zijn activiteiten te centraliseren op één enkele site, in nieuwe en/of gerenoveerde gebouwen, heeft het CHwapi tot doel zijn CO2-uitstoot tegen 2024 met 20% te verminderen. Om dit te bereiken, hebben de verantwoordelijken het Lean &amp; Green-labelprogramma als leidraad gekozen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Dit Europese label kan worden verkregen "door de milieuimpact van uw organisatie te verminderen en uw eco-voorbeeldigheid aan te tonen door een vermindering van uw CO2-voetafdruk". Het programma moet betrekking hebben op ten minste 50% van de transport- en logistieke activiteiten. Tot nu toe is het CHwapi het enige ziekenhuis in België dat dit label heeft verkregen.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>"Vorig jaar hebben we al kunnen aantonen dat we heel wat energie hebben bespaard en onze CO2-uitstoot hebben verminderd dankzij de toenemende concentratie van onze activiteiten op de enkele site"</em>verduidelijkt Clément Lacroix. <em>"In eerste instantie was het noodzakelijk om de CO2-uitstoot voor de verschillende afdelingen te berekenen en onze reductiemogelijkheden te bepalen."</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Op het vlak van transport bijvoorbeeld, zal het feit dat we op één enkele site werken, het mogelijk maken om het aantal kilometers van externe leveranciers voor voedingsproducten, linnengoed, onderhoudsproducten, niet-steriele en steriele producten en de apotheek te verminderen. En wanneer de sites Notre-Dame en IMC gesloten worden, kunnen de interne pendeldiensten – geraamd op meer dan 260.000 km/jaar – worden geschrapt, wat zich zal vertalen in een vermindering van 3,16% van de CO2-uitstoot.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Energie besparen</h2>



<p class="wp-block-paragraph"><em>"Anderzijds zal de vermindering van de CO2-uitstoot ook mogelijk zijn dankzij het energiebeheer in de nieuwe gebouwen. Dit zal efficiënter zijn door de te verwarmen oppervlakte te verminderen of door een airconditioningcircuit te installeren"</em>, vervolgt Clément Lacroix.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>"We maken deel uit van een gemeenschap voor hernieuwbare energiebesparingen, Hospigreen, opgericht op initiatief van de intercommunale IDETA. In de praktijk gaat het om een samenkomst van grote energieverbruikers uit de regio, waaronder het CHwapi, die zich ertoe verbinden elektriciteit te verbruiken die lokaal wordt geproduceerd via hernieuwbare energiebronnen: windturbines en fotovoltaïsche panelen. Een eerste balans begin 2020 toont aan dat er besparingen konden worden gerealiseerd dankzij deze verbintenis."</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Tegelijkertijd worden sinds 2018 696 fotovoltaïsche panelen gebruikt op de site Union (toekomstige enkele site). Dankzij de nieuwe constructies zal de productie van zonne-energie kunnen worden verdubbeld met 757 extra panelen tegen eind 2023. Met daarnaast de installatie van warmtepompen, de toename van de isolatie en groendaken, wordt de totale winst op het vlak van elektriciteitsverbruik geschat op 14,8%.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Andere acties om de CO2-voetafdruk te verminderen</h2>



<h3 class="wp-block-heading">Het CHwapi heeft tot doel zijn CO2-uitstoot tegen 2024 met 20% te verminderen</h3>



<p class="wp-block-paragraph">In het ziekenhuis werd een team genaamd Ecoteam samengesteld. <em>"Het gaat om een groep medewerkers, uit verschillende beroepen, die samenkomen rond een gemeenschappelijke gevoeligheid voor ecologie. Ze zetten acties op om plastic afval te verminderen, afval beter te sorteren, verplaatsingen per fiets of via carpooling te bevorderen.</em></p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>Ze werken momenteel aan een project dat gericht is op het verminderen van het plasticverbruik – de PET-flessen van 0,33 l, 1 l en 1,5 l in dit geval – om ze te vervangen door waterfonteinen die gevoed worden door het distributienetwerk en die in de verschillende gangen van het ziekenhuis zullen worden geplaatst. Dit zal een vermindering van het plasticverbruik van meer dan 4 ton per jaar vertegenwoordigen"</em>, besluit Clément Lacroix.</p>



<h2 class="wp-block-heading">Kunstmatige intelligentie op de enkele site</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Wat betreft de implementatie van kunstmatige intelligentie (AI) op medisch vlak en op het vlak van de infrastructuur, geven we respectievelijk het woord aan Dr. Stéphane Gillerot (Voorzitter van de Medische Raad van het CHwapi) en aan Simon Dezoomer (Diensthoofd van de cel Geïnformatiseerd Patiëntendossier van het CHwapi).</p>



<h2 class="wp-block-heading">Medische kant</h2>



<p class="wp-block-paragraph"><em>"In de toekomst zal de bijdrage van AI op medisch gebied voornamelijk betrekking hebben op hulp bij diagnose in het hele medisch-technische domein"</em>, legt Dr. Gillerot uit. De huidige opkomst betreft de anatomopathologie waar de microscoop wordt vervangen door de scanner. De gescande coupes worden gelezen door software die gebruik maakt van AI.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Zo kunnen pathologische cellen van gezonde cellen worden onderscheiden met een grotere finesse dan met het menselijk oog. Hetzelfde geldt voor het tellen van cellen in geval van kanker, bijvoorbeeld, AI zal het mogelijk maken om ze te tellen met behulp van bepaalde markers op een veel efficiëntere manier. Dit vertegenwoordigt een grote stap voorwaarts voor alles wat met diagnose te maken heeft.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>"De efficiëntie en reproduceerbaarheid van de anatomopathologie zullen veel beter zijn. We wensen ook de bijdrage van AI te concretiseren in een ander domein, namelijk radiodiagnose: het zoeken naar extreem kleine beelden die onmogelijk met het blote oog te realiseren zijn vanwege het zeer grote volume. AI kan de beelden sorteren om de meest interessante voor de arts terug te vinden. Deze twee toepassingen zullen zeker in de nieuwe structuur worden ingevoerd en andere zullen zich daarna ontwikkelen."</em></p>



<h2 class="wp-block-heading">Infrastructuurkant</h2>



<p class="wp-block-paragraph">De toepassing van AI aan de infrastructuurkant maakt met name deel uit van de bevoegdheid van de IT-afdeling waarin Simon Dezoomer werkt. <em>"Een van de projecten die we in het nieuwe gebouw willen opzetten, is dat van intelligente robots: autonome robots die het mogelijk maken om linnengoed, maaltijden, medicijnen of meer algemeen voorraden naar de eenheden te vervoeren. Een ander project dat nog bestudeerd wordt, betreft alles wat met oriëntatie van de patiënt te maken heeft met een barcodelezing en interactieve bewegwijzering in de gangen om hem te kunnen begeleiden."</em></p>



<p class="wp-block-paragraph">Reeds aanwezig in het nieuwe gebouw, meer specifiek in de geriatrie, maakt een valsysteem met behulp van camera's het mogelijk om de bewegingen van de patiënt te volgen met respect voor zijn privacy. In geval van een val van de patiënt wordt een alarm geactiveerd.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Een ander project in overweging dat gebruik maakt van AI, beoogt oplossingen te vinden voor het brancarderen. Een geolocalisatie zou, afhankelijk van de vraag, het mogelijk maken om de dichtstbijzijnde brancardier te vinden om een patiënt over te nemen. Voor de patiënt en het personeel zou dit een vermindering van de wachttijd voor patiënten en minder af te leggen afstand voor de brancardiers mogelijk maken.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Ten slotte wordt ook een project voor afvalbeheer – met automatische sortering via chips op de zakken – bestudeerd.</p>



<h2 class="wp-block-heading">IT-kant</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Op IT-niveau is een veel performanter antivirussysteem al functioneel. In plaats van alleen bestanden te analyseren, maakt dit systeem gebruik van bewakingssoftware, agenten op de terminals, geïntegreerd machinaal leren en geavanceerde AI om verdacht gedrag te identificeren en te behandelen voordat het als gevaarlijk wordt herkend.</p>



<p class="wp-block-paragraph"><em>"Bij de bouw van het gebouw moet bijzondere aandacht worden besteed aan de juiste dimensionering van de IT-installaties, aangezien alle toepassingen die AI gebruiken verbruikers van IT-middelen zijn. Dit impliceert een hele reeks elementen die voorzien moeten worden in de muren en de serverruimtes. Er moet rekening worden gehouden met de doorgang van leidingen in de verschillende lokalen voor netwerkkabels. De medewerkers die de gegevens invoeren, moeten beschikken over IT-oplossingen die correct werken. De hele uitdaging van de IT van de enkele site zal zijn om de meeste processen te kunnen digitaliseren die gegevens zullen genereren. Deze kunnen gebruikt worden in AI in zeer brede domeinen"</em>, verduidelijkt Simon Dezoomer.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Echter, zonder kristallen bol is het onmisbaar om een goed toekomstbeeld te hebben: het gebouw zal tientallen jaren worden gebruikt en de dimensionering moet het mogelijk maken om de verschillende technologische evoluties te ondersteunen die zich zullen aftekenen. De innovatieve technologieën van vandaag zullen niet die van morgen zijn. Met andere woorden, het is nodig om nu te anticiperen op wat morgen de norm zal worden.</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/lavenir-du-chwapi-se-concretise-de-plus-en-plus/">L&rsquo;avenir du CHwapi se concrétise de plus en plus</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Des hôpitaux dans la ville</title>
		<link>https://hospitals.be/nl/des-hopitaux-dans-la-ville/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[OpenGraphy]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 02 Dec 2025 10:55:53 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Articles]]></category>
		<category><![CDATA[CHwapi]]></category>
		<category><![CDATA[Hôpital en mouvement]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine #13]]></category>
		<category><![CDATA[Michelle Cooreman]]></category>
		<guid ispermalink="false">https://hospitals.be/?p=95080</guid>

					<description><![CDATA[<p>Geschreven door Michelle Cooreman, Medisch journalist</p>
<p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/des-hopitaux-dans-la-ville/">Des hôpitaux dans la ville</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p class="wp-block-paragraph"><strong>Michelle Cooreman<br></strong>Journalist medische sector</p>



<h2 class="wp-block-heading">Ziekenhuis in beweging</h2>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">CHwapi in Doornik (zie artikel <a href="https://hospitals.be/nl/lavenir-du-chwapi-se-concretise-de-plus-en-plus/">Toekomst van CHwapi-ziekenhuis wordt concreter</a> ) en ZNA in Antwerpen hebben de stad gekozen om hun ziekenhuisinfrastructuur uit te breiden of
nieuwbouw op te trekken. Ze zijn evenwel niet
de enigen…<br><a href="https://hospitals.be/nl/hospitals-in-town/#contents"></a></h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">Het Universitair Ziekenhuis van Nantes</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In januari 2022 werd de eerste steen gelegd voor de bouw van een nieuw ziekenhuis in Nantes. Dit nieuwe ziekenhuis ligt op de zuidelijke oever van de Loire en verenigt op één enkele site het volledige technische platform van het UZ, dat vandaag verspreid is over het Hôtel-Dieu en het Hôpital Nord Laennec. Het geheel maakt deel uit van wat men de “gezondheidswijk” zal noemen: een netwerk bestaande uit een onderwijscluster met 7.000 studenten, twee geïntegreerde gezondheids­onderzoeksinstituten (IRS), en het Station S-project, een incubator voor start-ups en gezondheidsbevordering. Tegelijkertijd ondergaat de hele omliggende stadswijk een grondige transformatie.</p>



<p class="wp-block-paragraph">De plannen voorzien in 2.000 nieuwe woningen, buurtwinkels, nieuwe economische activiteiten, openbare voorzieningen en talrijke groene ruimten. Het nieuwe ziekenhuis, dat in 2027 operationeel zal zijn, wordt verbonden met deze nieuwe wijk via een netwerk van voetgangersstraten en doorlopende promenades, afgewisseld met binnentuinen die uitgeven op de grote open ruimtes van het eiland.</p>



<h2 class="wp-block-heading">ZNA Cadix</h2>



<p class="wp-block-paragraph">Het nieuwe ZNA-ziekenhuis Cadix
gaat open in maart 2023. De keuze
voor de bouw van het nieuwe
ziekenhuis viel op een noordelijk
stadsdeel van Antwerpen, tussen
het Kempisch dok en de Noorder-
laan, naast de Cadixwijk. "De wijk
rond het ziekenhuis begint stilaan
een eigen karakter te krijgen
doordat meerdere bouwheren er
eveneens hoge torengebouwen
optrekken, bijv. de douane, hoge-
scholen…", aldus CEO Wouter De
Ploey.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Op het gelijkvloers werd geop-
teerd om een zorgboulevard in te
bouwen, waar het grote publiek vrij
kan rondlopen. Er zijn winkeltjes
voorzien voor patiënten en niet-pa-
tiënten. Wie curatief wil worden
geholpen, moet hoger want door
de beperkte ruimte in de stad telt
het gebouw maar liefst 22 verdie-
pingen, waarvan 2 ondergrondse.</p>



<p class="wp-block-paragraph">In de ondergrondse parking is
er ruimte voor 1000 voertuigen,
waarvan 600 voor bezoekers, pati-
ënten en personeel. Toch gaat veel
aandacht naar het sensibiliseren
van personeel en bezoekers om
gebruik te maken van de fiets of
het openbaar vervoer.</p>



<blockquote class="wp-block-quote is-layout-flow wp-block-quote-is-layout-flow">
<h3 class="wp-block-heading">Er werd een fietspad aangelegd vóór het zieken-
huis in een parkomgeving en er zijn voldoende fietsstallingen. Tramlijn 1 en verschillende buslijnen zorgen voor een snelle verbinding met de
P+R Luchtbal (1700 plaatsen).</h3>
</blockquote>



<h2 class="wp-block-heading">AZ Diest</h2>



<p class="wp-block-paragraph">In september 2021 is AZ Diest gestart met een nieuwbouw die een open ruimte moet invullen aan de Verversgracht, op de as tussen station en stadscentrum. Het is de bedoeling zo tot een eengemaakte zorgcampus te komen waardoor het 'ziekenhuis van de toekomst' verankerd zit in het centrum van Diest. Nu zit de activiteit verdeeld over twee campussen: campus Statiestraat - het hoofdziekenhuis - en campus Hasseltsestraat - het vroegere OCMW-gebouw. Dit laatste dateert van 1968 en zal in een eerste fase vervangen worden.
De campus Statiestraat wordt met de nieuwbouw fase 1 verbonden met een afgesloten verbindings- brug. De nieuwbouw krijgt een centraal onthaal en een aantal stedelijke functies die typisch zijn voor een ziekenhuis (koffiehoek, brasserie), waar niet alleen bezoe- kers en medewerkers maar ook
voorbijgangers terecht kunnen.</p>



<p class="wp-block-paragraph">Door de start van de werken wijzigen de parkeermogelijkheden.
Vanaf 1 februari 2022 staat de betalende parking aan de Verversgracht met een wandelpad in verbinding met de campus Statiestraat. Onder de nieuwbouw komt parkeerge-legenheid voor auto's en fietsen voor patiënten en bezoekers. Het nieuwe ziekenhuis zou eind 2024 in gebruik genomen worden.</p><p>L’article <a href="https://hospitals.be/nl/des-hopitaux-dans-la-ville/">Des hôpitaux dans la ville</a> est apparu en premier sur <a href="https://hospitals.be/nl/">Hospitals.be</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>